Geplaatst in Fotogedicht

Kom je spelen, baas?

191207


.

..

Kom je spelen, baas?

Doe maar gek met de wind

in je haar

Steek je hoofd in het zand

en maak je borst eens nat

In wetsuit

is ook goed

Kom nou spelen, baas!

We hebben water, een bal

en elkaar

..

.


Doldriest fotografie fotogedicht

 

Ieder weekend schrijf ik een fotogedicht. Dit mag natuurlijk ook een Japans gedicht zijn.

Doe je mee?

Geplaatst in Blikvanger

Heb je wat lekkers?

190908Blikvanger1

klik!

 

Geplaatst in Fotogedicht

Door schapenogen

190518haikutekst

klik!


bloglogojg

 

Iedere zaterdag schrijf ik een Japans gedicht. Doe je mee?

← klik op de button voor meer informatie.

Geplaatst in Zeswoordverhalen

Wandelen

Mijn verhaal over WANDELEN in zes woorden:

190209wandelen2

klik!


bloglogo6wmb

 

<< Wil je ook de andere zeswoordverhalen lezen en/of meedoen? Klik op de button hiernaast! En kijk hier voor het archief van de 6WMB schrijfuitdagingen. 😀

Geplaatst in Humor, Korte verhalen

Kattenhater

Mijn vriendin is een fervent kattenhater. Als ze er een ziet, verstrakt haar hele lijf en komt er een haast manische blik in haar ogen. Ze komt dan ook bijna nooit bij mij, want ik heb twee enorme katers rondlopen.

Wat deze afkeer, ailurophobie genaamd, veroorzaakt heeft weet ik niet. Een gebeurtenis uit haar jeugd? Ze praat er nooit over. Iedere keer als ik het woord ‘kat’ of ‘poes’ laat vallen, staart ze strak de andere kant op en is er geen discussie mogelijk.

Gisteravond maakten we een ommetje. Dat hadden we misschien beter niet kunnen doen. Het leek wel kattenavond. Er zat er een voor de heg. Een ander onder de auto. Een derde liep net de hoek om. Haastig sleurde ik mijn vriendin verder, zodat zij niet getriggerd zou worden.

Toen we bijna thuis waren, zagen we een affiche op een lantaarnpaal. ‘Kat vermist’, stond erop. Het arme dier –een jong beestje nog– was blijkbaar ontsnapt en nooit meer terug gekomen. Helder blauwe ogen keken me vanuit een crèmekleurige snoet aan, de oren gespitst. Ik smolt weg en kon me het verdriet van haar baasjes goed voorstellen.

“Zielig hè,” zei ik tegen mijn vriendin, “wat zullen ze hem missen. Wat zou er met die kleine gebeurd zijn?” Maar mijn vriendin deed net alsof ze niks hoorde en stapte door, haar staart vrolijk heen en weer zwaaiend. Ik schudde mijn hoofd en besloot haar reactie – of het ontbreken daarvan- te negeren.

Bij de voordeur aangekomen nam ik afscheid. “Volgende week zelfde tijd, zelfde plaats?” Ik keek haar vragend aan. “Woef,” zei ze.