Geplaatst in Algemeen, Expressief

Rimpels, sieraad of vloek?

Pas geboren, gezicht verwrongen
Maar al gauw kom je tot rust
De bolle wangen van een peuter
Die door iedereen worden gekust

Besmeurd met zand, weg is de tand
Vanuit kind-zijn treedt een nieuwe fase in
Het puberschap wint de strijd al snel
Met ontsierende acné op haar kin

Dan ineens een baard, de stem daalt
Lijf ontwikkelt zich tot man, tot vrouw
Dag kinderlijke onschuld, dag spel
intrigerend karakter in opbouw

Volwassenheid nadert en blijft
Fijne lijntjes tekenen het gelaat
Lachrimpels, zorgrimpels,
Pret, liefde, verdriet, soms zelfs haat

Rimpels, stille getuigen van emoties
Door de jaren verzameld als buit
Je kunt ze wegpoetsen
Maar nooit onder de huid…

Wat is dit een mooie vrouw, van binnen en van buiten. Het is een foto van Jane Goodall, die 50 jaar geleden op 14 juli 1960 met haar baanbrekende onderzoek naar het gedrag van chimpansees in Gombe, Tanzania, begon. Een vol en interessant leven, een vrouw die koos en vocht voor haar overtuiging.

Vind je haar rimpels storend? Ik vind ze echt prachtig!

Ieder lijntje vertelt een ander verhaal, van blijdschap, van zelfopoffering en overwinning, van diep verdriet tot uitzinnige vreugde. Van dagelijkse zorgen en een stil genieten. Van wanhoop, eenzaamheid, verveling en passie. Rimpels van expressiviteit, een gezicht dat nooit stil staat.

Rimpels ontstaan door de uitdrukkingen die we dag in dag uit van jongs af aan herhalen. Voor het maken van deze gezichtsuitdrukkingen hebben we spieren nodig die als elastiekjes werken. Als we ouder worden, neemt de elasticiteit van de huid af en trekt het gezicht zich niet meer glad. Zo veroorzaakt lachen bijvoorbeeld vooral rimpels rond de ogen en de mond.

Het beeld van de moderne mens in de 21e eeuw is een beeld van snelheid, mensen die zich haasten om op tijd te komen, om zoveel mogelijk te doen in zo weinig mogelijk tijd met zoveel mogelijk middelen om alle informatie binnen te kunnen halen. En we moeten ook nog goed, jong en fris uitzien. Geen probleem hoor: rimpels kunnen behandeld worden met botox en fillers zoals hyaluronzuur en collageen-injecties. Lijnen worden tijdelijk opgevuld, lastige spiertjes worden tijdelijk stilgelegd. Ook is plastische chirurgie mogelijk.

In mijn jeugd waren mensen van 50 oud. Ze zagen er niet alleen zo uit, ze gedroegen zich ook zo. Tuttige kleding, een bedaard leven, geen uitspattingen of rare streken meer. Als tante Sarah en oom Abraham op bezoek waren geweest, dan was het avontuur ver over. Gelukkig is dat tegenwoordig anders: mannen en vrouwen staan midden in het leven, maken bewuste keuzes in werk, in reizen, sporten. Hippe oma’s die genieten van hun kleinkinderen, maar zeker ook van hun eigen volle leven, smaakvol gekleed en goed verzorgd. Als ik zo’n enthousiaste bruisende vrouw zie, dan denk ik “Zo wil ik later ook zijn!”.

Moet zo’n beeld dan ook nog kunstmatig jong gehouden worden? Is er iets mis met een gezicht dat niet meer glad is, er niet meer uit ziet als een tienerhuid? Moeten we rimpels en lijnen wel zien als een vloek? Door botox en andere ‘magische’ middelen verandert de gelaatsuitdrukking. De huid kan dan wel strakker zijn, maar het sprankelende, het expressieve en karakteristieke is weg. Vaak is een gezicht niet meer in balans en komt van het een het ander. Waar ligt de grens, wanneer is het goed genoeg?

Natuurlijk kunnen er ook medische redenen zijn voor plastische chirurgie, zoals een verminderd gezichtsvermogen door overhangende oogleden. Niets is erop tegen om de natuur dan een handje te helpen. Maar zuur en injecties? Spieren stilleggen? Keep the hell away from me!

Rimpels, stille getuigen van emoties
Door de jaren verzameld als buit
Je kunt ze wegpoetsen
Maar nooit onder de huid…

Ik vind dat we er veel trotser op mogen zijn!

Geplaatst in Biker Witch

Bigtwin Bikeshow 2010

De Bigtwin Bikeshow in Rosmalen. Iedereen lijkt onderweg te zijn naar het Autotron! Ongehinderd door de regen vliegen zelfs ganzen in strakke v-vorm naar het oosten en lachen snaterend de mensen uit die in een file traag vooruit kruipen. Ha, maar die vogels hebben geen Pink Floyd! Een roofvogel heeft het veel te  druk met zijn prooi om de voorbijgangers ook maar een blik waardig te keuren. Smakelijk eten meneer.

Het Autotron ligt in Rosmalen. Maar moet je op de snelweg Rosmalen aanhouden? Ja natuurlijk, zegt zowat iedere vrouw. Nee ben je gek, natuurlijk niet, zeggen de mannen. Wederom is het goed dat Vman achter het stuur van zijn auto zit – Kaatje staat immers nog steeds in dat zijstraatje – ik zou echt twee keer finaal fout gereden zijn vandaag.

Vanaf het eerste moment is het smullen:

Fonkelende motoren, hier en daar weerklinkt het zware geronk van een Harley die gestart wordt. Stoere bikers en ruige meiden. Ondanks de heavy entourage is de sfeer zeer gemoedelijk en vindt het publiek een weg langs de vele kraampjes. Broodjes Unox, ijsjes met chocoladedip – die waren lekker trouwens! – zakken friet en frikadellen in handen van in leer geklede motorfans. Ik kijk mijn ogen uit, wat een prachtige machines zijn hier tentoongesteld. En wat een gave mensen!

Dan weerklinkt een stem die vertelt dat de striptease show begint in een andere hal. Verwachtingsvol blijf ik staan en bereid me voor op de stormloop van mannen. Blijkbaar is het hier nog een beetje te vroeg voor – kan dat überhaupt wel? – want de bikers lopen onverstoorbaar door. Hun ogen worden wel getrokken door twee jonge meiden die in schaarse strakke zwarte kledij op hoge hakken door de hal flaneren.  De arme schapen huiveren van de kou.

We maken nog een praatje met Henny en even later met Ariën van onze Bredase Harley-Davidson dealer O.I.T. Grappig om bekenden tegen te komen. Het Engels, Duits en Vlaams streelt je oren op deze bikeshow. Vele onderdelen liggen blinkend uitgestald en Vman lacht om de namen die ik ze geef. Zo liggen er torpedo’s en lampenkapjes (luchtfilters voor de kenners), hebben motoren wespentailles en moet ik me inhouden om geen onbekend gereedschap te kopen. Altijd handig toch? “Laat maar liggen Marion,” hoor ik een stem naast mij zeggen. Blijkbaar kent Vman mij intussen te goed 😉

Vooral de sierradenkraampjes met armbanden, ringen en oorbellen trekken mijn aandacht – inmiddels sieren twee elfjes speels mijn oorlellen – ik weet tenminste wat je met die voorwerpen kunt doen. Een drankje en snickers doen wonderen voor het energiepeil.

Terug naar de motoren, met enkele details:

Als klap op de vuurpijl vinden we in een aparte hal ook nog wat ‘doorsnee’ auto’s. Mijn excuses voor eventueel kwijl op de cameralens:

PS. Reserveer maar vast kaartjes voor volgend jaar Bigtwin, want dan zijn we er weer bij.

PS. PS. En weet welke formulieren je uit die bak kiest hè Bigtwin, want als je de reis naar the US aan Vman en mij geeft, dan zijn jullie gegarandeerd van mooie reisverhalen! 😉

Geplaatst in Algemeen

Kaatje kapot!

Een doodgewone zaterdag in Breda. Het is druk in de stad. De winkels hebben hun deuren uitnodigend wijd open staan en overal zie je mensen. Een vrouw stapt stevig door, kijkt niet op of om. Twee anderen staan gezellig te kletsen. Een paartje slentert  innig gearmd voorbij, verloren voor de rest van de wereld. Baby’s kraaien in hun buggy, gekleed in vrolijke kleuren. Op de hoek van de straat worden stoere verhalen uitgewisseld, begeleid door sprekende gebaren.

Blij loop ik naast Vman terug naar de auto, een boek rijker: Terry Goodkind’s The Law of Nines . Ik geef Vman mijn autosleutel. Rotrug! Het kreng heeft besloten de zenuw naar mijn linkerbeen te boycotten. Aangezien de singel is afgesloten, glippen we – als insiders – via een snelle sluiproute naar huis.

“Wat een rook achter ons!”

Ik zie niks, zit lekker naar buiten te kijken en zing mee.

“Mar, zie jij aan jouw kant ook rook? Let eens op?”

Vluchtig werp ik een blik door het raam aan de rechterkant, en schiet overeind. ROOK!! Een auto claxonneert naar ons, de bestuurster gebaart naar mij. We laten tegelijk het raampje zakken en ik gil: “Ik weet het, we zijn bijna thuis.”. Ze wenst ons succes en we rijden door.

“Uhm, moeten we niet stoppen?”

“Nee, we rijden voorzichtig door naar huis.”

Er komt inmiddels ook rook bij mijn voeten naar binnen. De paniek slaat toe.

“STOP! HIER! NUUUUUU!”

Vman schiet een bushalte op en ik vlucht – inwendig half hysterisch, van buiten redelijk beheerst – de auto uit. Duik dan weer naar binnen om de motorklep los te koppelen, rugpijn even vergeten. Rook slaat ons tegemoet en mijn hart zit ineens ergens in mijn keel. Ik grijp mijn gsm en bel de garage. De kalme stem van Frans vertelt mij dat ze gesloten zijn. Frans, hoe kun je me dit aan doen, neem op aaaargh.

“Vman, ik bel de ANWB!”

“Nee joh, we zijn er bijna.”

Het zweet staat in mijn handen, dadelijk gaat mijn lief Kaatje in vlammen op. Maar nee, we stappen weer in en rijden in een slakkengang verder. Naarstig speur ik naar eventuele vlammen, maar gelukkig laten die zich niet zien… nog niet tenminste. Ik zit klaar om bij de minste roodgele gloed uit mijn Ford te duiken… midden op de rondweg. Maar goed dat ik niet achter het stuur zit, anders had ik Kaatje op een zeer onorthodoxe plek geparkeerd. Ergens waar geen parkeermeters zijn.

We naderen mijn huis, als – omringd door plagende rookflarden – ineens een lampje rood opgloeit. Goh, dat ding heeft wel op zich laten wachten zeg. Misschien volgende keer iets eerder een seintje geven dat iets niet in orde is? Nu wordt zelfs Vman lichtelijk ongerust en parkeert de auto in een zijstraatje. Binnen twee seconden sta ik ernaast, met bonkend hart en trillende handen.

Weer die motorkap open. Ik moet meekijken – supertechneut die ik ben – en zie de walm opstijgen vanuit een wirwar aan draden en kabels.

“Wat zit hierin?”, vraagt mijn partner me.

“Geen idee, maar hier zit ruitensproeivloeistof in!”, terwijl ik triomfantelijk op een klepje bij het raam tik. Nu we ongeroosterd dicht bij huis zijn, zakt de spanning een beetje en krijg ik weer wat praatjes. Vman checkt de olie, rukt wat gele dekseltjes van containers en kijkt me iedere keer vragend aan. Ik knik bemoedigend terug maar houd wijselijk mijn mond.

“Volgens mij is de koelvloeistof op,” zegt hij, “heb je die nog in de schuur staan?”

Nu ben ik een mens van voorraden. Kom maar gerust onverwachts binnenvallen, ik heb altijd eten in huis. Ook WC papier, pluggen en chips worden op een hoog peil gehouden. Maar koelvloeistof?! Een blik op mijn gezicht is voldoende. Geen koelvloeistof dus, maar wel water? Wegens verplichte antivries-ingrediënten schijnt dat echter geen optie te zijn.

We doen de motorkap pas weer dicht als de rook besluit het op te geven. Ik geef mijn Kaatje een aai over haar ronde dak en fluister haar toe dat ze dapper moet zijn.

“Wacht op me, trouw ding, ik kom je maandag redden hoor!”.

Mijn arme Kaatje kapot!

Geplaatst in Expressief, Poëzie

Ode aan de pluizenbol

O geliefde pluizenbol
wat zit mijn hart toch vol
van jou
(mijn kleren trouwens ook!)

Mijn viervoetige vriend
gevoelig en alziend
zo trouw
(mag ook wel na al dat voer!)

Grappige speelkameraad
zet liefde om in daad
kom gauw
(luister nou een keer!)

Huisdier, thuisdier
blijf voor altijd hier
ik houd van jou
(onvoorwaardelijk!)


~ voor Rebecca

Geplaatst in Algemeen

CiEP

Vandaag, dinsdag 2 november 2010, is een gedenkwaardige dag! Want vandaag gaan we Kiepen. Jawel, met een hoofdletter K. Of was het nou een C?

In mijn gedachten noem ik het kiepen – althans, ik hoop dat dat het wordt – kruiwagens vol overbodige ballast weggooien. Of keepen, en in plaats van de ballen uit de goal te houden, juist in de goal te trappen. Of die ballen in de lucht te houden.

Maar officieel is het CiEP-en! We gaan met ons hele team deelnemen aan een CiEP-traject.

Ik citeer:

“Veel mensen die werken in een kantooromgeving hebben te maken met een te hoge werkdruk, grote hoeveelheden (elektronische) informatie, chronisch tijdgebrek en stress. Graag zou men resultaten realiseren, het overzicht op en de regie over het werk willen houden om zo hun werk op een hoger peil te brengen om met meer plezier en voldoening te functioneren.
Impulsus heeft het CiEP-programma ontwikkeld om een oplossing hiervoor te bieden. Het werken volgens CiEP laat mensen in een kantooromgeving 10%-20% effectiever functioneren en stelt directie en managers van kantoororganisaties in staat het werkproces van hun afdeling(en) integraal en duurzaam te optimaliseren.
Meer dan 1000 organisaties en ruim 70.000 medewerkers in Nederland en België zijn met veel resultaat gefaciliteerd in het toepassen van CiEP, zowel op persoonlijk als op organisatorisch niveau.”

Zoals je je kunt voorstellen, zijn onze verwachtingen hoog gespannen. Een overlopende mailbox, brandjes blussen, achter de feiten aanhollen, ad hoc beslissingen, constant prioriteiten moeten verleggen als zich weer een NOODGEVAAAAAL voordoet. Rennen, hollen, zelfs laag vliegen.

De werkdruk is torenhoog in ons team, tot nu toe gaan wij dit met humor te lijf. Zonder die humor waren we al lang gillend gek geworden. Nu zijn we alleen lachend gek 😉

Kom op CiEP, show us what you got! Nee, laat me dat even herformuleren:

Show us what WE got!

Geplaatst in Algemeen

Top Gear

Top Gear betekent ‘hoogste versnelling’. Gelukkig heeft mijn karretje er maar vijf, die kan ik nog net vinden. Vman’s auto heeft er nog een paar meer geloof ik, maar die gebruik ik nooit.

Hoewel ik absoluut geen kennis heb van auto’s, niet in katzwijm val bij het zien van een supercar, geen diep verlangen heb om een dure auto te bezitten – behalve dan de Audi TT, ik word helemaal lyrisch van een Audi TT – of als een tornado over de weg te jagen, is Top Gear één van de weinige TV programma’s die ik met enige regelmaat zie… eigenlijk het enige.

Een spannende avonturen vechtfilm met humor kan ik ook nog wel waarderen, maar dan houdt het ver op met het kastje kijken. Zoals Indiana Jones and the Kingdom of Cristal Skull die op TV zou komen. Helemaal geïnstalleerd, thee, koekjes, the works… wat denk je: KLOPT DIE TV GIDS NIET! Wil ik eindelijk een keertje kijken, zit ik voor niets helemaal klaar. En de TV gids omvat twee weken met vrolijk programma advies. Ik hoef waarschijnlijk niet te vertellen dat de week erna hetzelfde gebeurde? Ja, ik ben blond!

Ik heb nog een ouderwetse bak, een TV waarbij de diepte het wint van de breedte. Een redelijk kleine beeldbuis die gedurende de eerste vijf minuten de meest artistieke golfjes laat zien. Ach, een beetje rammelen aan de scart-kabel en het werkt weer. Tot je gaat zitten natuurlijk, dan wordt het beeld weer fraai vervormd. Geen nood, na een tijdje stopt het vanzelf.

O ja, Top Gear. Het programma gaat over auto’s… maar dat is eigenlijk helemaal niet belangrijk. Al ging het over bakstenen, dan zou ik nog kijken: het wordt namelijk gepresenteerd door drie knettergekke presentatoren Jeremy Clarkson, Richard Hammond en James May, die erg goed op elkaar ingespeeld zijn. De humor is werkelijk fantastisch en ik schater het dan ook regelmatig uit. Ze halen de meest stoere en ook dwaze ideeën van stal om interessante afleveringen voor ons te maken. Zo bouwen ze hun eigen campers, houden races met bussen (die prompt omvallen), rijden in jeeps door de jungle van Zuid-Amerika, je kunt het zo gek niet verzinnen.

Vóór Top Gear had ik nog nooit gehoord van The Stig. Een in een wit pak met witte helm getooide grote onbekende die allerlei auto’s in een Power Lap over het Top Gear test-circuit jaagt. Zelfs mijn anti-scheur hart gaat dan sneller kloppen. In de aflevering van vanavond ontdeed onze mystery guest zich van zijn hoofddeksel en kwam Schumi tevoorschijn: Formule 1 coureur Michael Schumacher. Wat kan die vent rijden zeg! En wat heeft hij een aparte muzieksmaak.

Tegen het einde van de tweede aflevering – er wordt altijd een nieuwe show en een herhaling uitgezonden – begint mijn aandacht een beetje af te zakken. De hoogste versnelling haal ik niet meer en ik moet terugschakelen naar een lagere. Op het einde schakel ik helemaal terug. Soms moet Vman me zelfs wakker maken. Top Gear, in de laagste versnelling relaxed het weekend in… naar bed!

Geplaatst in Algemeen, Columns, Expressief

Herfstvlagen

En dan is het ineens herfst!

Bomen, belaagd door een wind-tondeuse, moeten hun groene vacht prijsgeven. Dwarrelend zeilen de vermoeide blaadjes naar beneden en tooien de grond met een kleurig tapijt. Eekhoorntjes – druk bezig met gewaarmerkte scharreleikels – peinzen af en toe met hun donkere kraaloogjes in de verte, alsof ze de grootte en locaties van de wintervoorraad in hun roodbruine koppies proberen te prenten. Paddenstoelen in allerlei maten en soorten zijn in de aanbieding bij Intratuin en vinden gretig aftrek bij de boskabouters.

Weldra jaagt de wind rond op zoek naar kieren en gaten, botsend tegen verwarmde huizen. Regen versiert met glinsterende druppels de ramen die een blik gunnen op een warm familieleven. Jurkjes en korte rokken krijgen het aan de stok met winterjassen en wollige sjaals, en moeten uiteindelijk het slagveld ruimen voor dikke leggings en met bont afgezette laarzen. O wat ‘vreselijk’: overwinteren in een droge behaaglijke kast terwijl de overwinnaars windvlagen trotseren en te maken krijgen met binnensijpelend regenwater.

Toch ontkiemt in de droge CV binnenlucht het verlangen naar het ruige buitenleven: liever de rode blos van een ijsvogel, dan de witte wang van een huismus.

Tijdens een boswandeling fluistert de herfstmuze zachtjes

Tere draden
iel maar vasthoudend
geweven tot een patroon
van ingewikkelde symmetrie

– de ingewikkelde prooi is minder lyrisch, maar dit terzijde –

Ragfijn kant
vangt druppels van dauw
en weerkaatst de zon
tot diep in je hart

en verwarmt met haar gezang dit gure jaargetijde.

Een vette kruisspin zit met getuite lippen klaar in het midden van haar ijle bouwwerk om argeloze voorbijgangers van zeer nabij in de ogen te kijken. Bij haar uitverkorenen plant zij een kus op de lippen. Doorgaans resulteert deze liefkozing in een bloedstollende gil van de wandelpartij en volgt soms het uitspugen van webrestanten. Verontwaardigd draait de achtpotige madame zich om en haalt haar kluskoffer tevoorschijn. Altijd hetzelfde met die tweepoters!

Lichtelijk ontdaan van deze intieme ontmoeting met de kroost van Moeder Natuur, spoeden diezelfde met bont omhulde benen zich weer huiswaarts, de lokroep volgend van een kop dampende chocomel, een glas kruidige thee (de koffiepot speelt hier in huis maar een bijrol), stevige erwtensoep. Glüh- of rode wijn, een bodem whisky. Of een stomend bad.

Dan volgt een nieuwe dag. Menig bioritme heeft moeite met de donkere koude groet die door het open raam naar binnen waait. De nachtvorst zwaait zijn kille scepter en bedekt de auto’s met een laagje rijp. Toch tof van die ijskoning: hij zorgt voor gratis ochtendgymnastiek. De slagboom van het parkeerterrein krijgt RSI maar zwoegt dapper door: Avans gooit haar armen en deuren wijd open in een warme begroeting, ook in de herfst…

Geplaatst in Inspiratie

BlogMaarRaak!

Gisteravond kwam BlogMaarRaak! voor het eerst bijeen: White Lady, Dyna Lady en ik. In een ontspannen sfeer was het – zoals beloofd – eerst tijd voor koffie en thee met knapperige amandelkoekjes. Daarna werd Drieske’s Place bewonderd, de drakenmuur beschreven ;) en gingen we aan het werk.

Dyna Lady liet ons de uitgebreide mogelijkheden van Adobe Photoshop zien, ongelofelijk wat hier allemaal mee kan. Inspirerend. Hier is een mooie foto-blog in de maak!

Vervolgens hebben we gepraat over het vinden van onderwerpen en kwamen we tot de conclusie dat onderwerpen meestal getriggerd worden door inspiratie. Je kunt nog zo’n mooi onderwerp hebben, maar als de muze niet in je hoofd en hart rondfladdert, komt je schrijven niet op gang. Ik geef als tip om gewoon iets anders te gaan doen als de inspiratie niet komt, je gedachten te verzetten en dan ineens – wham – het idee wordt geboren en je kunt aan de slag. Een andere manier is gewoon te gaan schrijven, maakt niet uit wat, schrijven en zien of zo de inspiratie op gang komt. Schrijven is namelijk hard werken!

Daarna nemen M&M mijn column door en zijn hier positief over. Gelukkig, bedankt voor de feedback meiden.

Ook is er tijd voor afdwalingen: ik maak uitgebreid kennis met de wereld van Swarovski. Schattige knalgele eendjes en Tinker-oor-bell-en… thanks, but not for me!

Precies om middernacht sluiten we de eerste bijeenkomst van BlogMaarRaak! – een erg leuk begin. Op naar de volgende op 23 november a.s.

Geplaatst in Expressief, Poëzie

Escher schilderij

zou niet iedere dag moederdag moeten zijn
een hommage aan de jonge moeder
die mij negen maanden droeg
zelfs bij een zacht geluidje aan mijn bed stond
nachtenlang waakte als ik koorts had
onvermoeibaar lekkere hapjes voerde
aan een peuter die ’s ochtends nog bezig was
met het eten van de dag ervoor
haar man steunde in lief en leed, al die jaren
sterk is in haar zachtheid
en strikt in haar rechtvaardigheid
de zorgzame moeder
die nog steeds iets lekkers meegeeft
kleine eetverrassingen in petto heeft
vrolijkheid en humor
als gereedschap voor compassie en gevoel
en bovenal een bron van liefde en warmte
deze geweldige vrouw is mijn moeder
die ik op handen draag
terwijl zij mij op handen draagt
een Escher schilderij van moeder en kind

~Marion

Geplaatst in Algemeen

Limbabwe

Lang geleden, in een rijk hier ver vandaan, werd het tweede kind van een timmerman en een kasteleinsdochter geboren. Zij gaven haar de naam ‘Maria’, in de volksmond ‘Marion’ geheten.

Het meisje groeide op te midden van haar liefhebbende familie, met een oudere broer die nooit naliet haar te trainen in zelfweerbaarheid, een zusje waarmee ze samen fantastische Engelse duetten ten gehore bracht – onverstaanbaar maar tegelijkertijd ook onweerstaanbaar. Neven die haar inwijdden in de boeken van Enid Blyton’s ‘De Vijf’, nichtjes waarmee tot diep in de nacht gefluisterd en gelachen werd. Tantes die de meest fantastische vlaaien maakten, en ooms die datzelfde met praatjes deden. Het leven was goed daar in dat verre land.

Het gezin maakte vrolijke tochten door het Limbabwiaanse landschap. Een nieuwe auto kreeg allereerst een passende naam en werd dan met veel enthousiasme ingereden, waarbij zelfs krekels uitgenodigd werden op de terugreis. Glooiende groene heuvels, bloesembomen, holle wegen, een lieflijke beeld dat voor altijd op haar netvlies gebrand stond. Marion hield van haar geboortestreek.

Op een dag vloog zij echter uit, weg van het warme gezin, om zich te gaan bekwamen in de recreatiekunsten. Ver weg van de vertrouwde omgeving ging zij studeren in een plat land, een land waar de wind altijd de lokken uit haar gezicht blies, nooit eens een duwtje in de rug gaf. Een land waar haar grijze ogen alleen in de verte konden kijken. Een fietsland waar zij nooit aan zou wennen, zij miste de afdalingen waarin ze kon uitrusten om zich vervolgens vol overgave op de pedalen te werpen om de volgende top te bereiken.

Marion vond een nieuw thuis in dat Braboria, stichtte een gezin en kreeg twee stoere knapen. Deze jongens vonden dat hun moeder maar erg raar deed als ze met haar ouders praatte. Limbabwiaans, het leek wel Koeterwaals! Steevast trok Marion terug naar haar geboorteplaats, vastbesloten om de liefde voor dit land door te geven aan haar kroost. Ook haar ouders – Opa die altijd gek deed en alles kon maken, en Oma waarvoor ze een heilig ontzag ontwikkelden maar die wel soms lachte als een heks – goten paplepels vol Limbabwiaanse cultuur bij hen naar binnen. Helaas bleek Braboria hun hart al gestolen te hebben.

Heel af en toe staart Marion nog voor zich uit, ziet groene heuvels in plaats van weilanden, geheimzinnige holle wegen in plaats van rechte landbouwweggetjes, hoort de zachte Limbabwese taal in plaats van het onverstaanbare mompelende Braboos. Zal zij ooit nog op een late zomeravond naar haar eigen huis lopen op een heuvel? Zij kan haar zonen niet losrukken uit hun geboortestreek. Maar wie weet vliegen ook zij uit om zich te gaan vestigen in een ander land. En worden hun kinderen op hun beurt wel Americaños. Dan kan zij terug gaan naar haar eigen rijk, haar rijk land, haar Limbabwe…

Bijna 30 jaren geleden verliet ik Zuid-Limburg om te gaan studeren en wonen in Brabant… en nog steeds ben ik Limburgse in hart en ziel. Dit is niet mijn thuis, ik ben Nederlandse maar geen Brabantse. ‘Wie schoën ôs Limburg is…’