Geplaatst in Dieren, Natuur

Het is groen en het kruipt

Het is acht uur. Boven hoor ik de wekker van mijn oudste zoon afgaan, en even later roffelen zijn voeten op de zoldertrap. Hij gaat op tijd douchen! Niet meer stressen om op tijd de deur uit te kunnen gaan naar zijn werk… maar nee, twee minuten later dendert hij weer naar boven, naar zijn slaapkamer. En dat betekent…

Dan kan ik douchen!

V-man kijkt me beteuterd aan.

Ja maar het is zaterdag. Kom hier jij, kroelen!

Lees verder “Het is groen en het kruipt”

Geplaatst in Dieren

Dieren zijn om op te vreten

Het was weer bal vandaag. Halsoverkop moest vervanging geregeld worden voor zieke collega’s en dat ging niet zonder reeds geroosterde lessen te verzetten. Dankzij de bereidwilligheid en flexibiliteit van andere docenten en de soepele samenwerking met mijn roostermaatje Patricia, hebben we het voor elkaar weten te krijgen. Om daarna weer opnieuw aan de slag te moeten toen bleek dat een groot gedeelte van de klas niet kon. En dat ging zowat de hele dag zo door.

Geluk is thuis met open pootjes verwelkomd worden na een stressvolle werkdag.

Enigszins gespannen kwam ik dan ook thuis na een terugreis over dichtbevolkte wegen. Ik wilde meteen doorgaan in die versnelling, maar mijn kater dacht daar anders over. Smokey kronkelde net zolang om mijn benen tot ik op de bank neerviel. En toen hij me daar klem gezet had, klauterde hij op mijn schoot en ging daar liggen spinnen alsof niet zijn maar mijn leven ervan afhing. Misschien is dat ook wel zo.

Want weet je dat katten goed voor je zijn – allergische reacties daargelaten? Het spinnen werkt ontspannend en door de zachte aanraking maakt je lijf hormonen aan die je bloeddruk en hartslag verlagen. Ditzelfde geldt voor het omgaan met honden, maar ik weet niet of je grommen kunt vergelijken met spinnen. En wat denk je? Het is maandag, dus ik mocht ook nog met Klaartje op stap. Dubbel geluk dus!

Gelukkig zijn is buiten wandelen onder een heldere sterrenhemel en kijken naar de verre lichtjes van hoog passerende vliegtuigen.

Omdat het erg koud zou zijn had ik behalve mijn warme winterjas ook nog handschoenen aan, een sjaal om en een muts op. Nou, die kou viel reuze mee. Klaar stapte met kwispelende staart vrolijk door, en al snel gingen de handschoenen uit. Ook de muts belandde ergens in mijn nek. Het was zalig weer. Dit keer geen andere honden op ons pad waarmee mijn hondenvriendin denkt te moeten concurreren. Geen regen die roet in het eten gooide. We genoten met volle teugen, geen wolkje aan de lucht.

Geluk hebben is zo lang omhoog kijken naar de sterren en de verre lichtjes van hoog passerende vliegtuigen, dat je tot twee maal toe over een opstaande steen struikelt en met maaiende armen net overeind weet te blijven.

“Nee, ik ben geen ezel,” zei ik tegen haar, “want ik stoot me wél twee keer aan een steen!” Klaartje draaide zich naar me om, één borstelige wenkbrauw omhoog. Ze schudde haar wijze hoofd en trippelde weer verder. En ik lachte, alle spanning inmiddels mijlenver van me afgegleden.

Huisdieren, ik zou ze wel kunnen opvreten. Gelukkig is dat verlangen niet wederzijds.