Je hebt mensen die piekeren.
Zijn er ook mensen die daleren?
___
Kun je nog meer on-zinnige tegenstellingen bedenken?
Je hebt mensen die piekeren.
Zijn er ook mensen die daleren?
___
Kun je nog meer on-zinnige tegenstellingen bedenken?
Mijn zes woorden verhaal in beeld over communicatie: Slagerstaal
klik voor details

<< Wil je ook de andere zes-woorden verhalen lezen en/of meedoen? Klik op de button hiernaast.
Mijn eigen bijdrage aan Zes Woorden met Beeld: Dialect
–
DOER KLANKE TRUUK NAO HOES GEBRACH

afbeelding: Limburgse Dialecten
–

<< Wil je ook de andere zes-woorden verhalen over Dialect lezen en/of meedoen? Klik op de button hiernaast. ![]()
Wat hoor je liever: algemeen beschaafd Nederlands of een sappig dialect? Een harde of een zachte G? Een ingeslikte of rollende R? Streektaal of een landelijk opgelegde taal? Waarom? Wat betekent het spreken van een dialect voor jou?
Deze week gaat de Zes Woorden Met Beeld – uitdaging over dialect.
Dialect is in de taalkunde de benaming voor een talige variëteit die niet als standaardtaal geldt. Vanuit taalkundig oogpunt heeft de vraag of een bepaalde taalvariëteit een op zichzelf staande taal is of een dialect weinig zin; er zijn namelijk geen vaste onderscheidende criteria. Zowel een taal als een dialect hebben een eigen grammaticaal systeem, een eigen woordenschat en soms – maar niet altijd – een overkoepelende standaardvariant.
Volgens een strikt taalkundige definitie staat het begrip wederzijdse verstaanbaarheid centraal bij het onderscheid tussen taal en dialect. Zolang er sprake is van wederzijdse verstaanbaarheid, kunnen volgens deze definitie twee of meer taalvariëteiten als dialecten van dezelfde taal worden beschouwd.
Dit zijn voorbeelden uit het Tilburgse dialect – voor mij alleen begrijpelijk als ik ze hardop lees 😉

De uitdaging voor jou:
Schrijf een verhaal over DIALECT in slechts zes woorden. Laat je inspireren door een foto of afbeelding en schrijf daar je verhaal bij. Of bedenk eerst zes woorden en maak/zoek dan een foto.
Hier een voorbeeld van een Zes Woorden verhaal, geschreven door Ernest Hemingway.

Wat een impact hebben deze luttele zes woorden.
Publiceer jouw Zes woorden-verhaal met bijpassende foto of afbeelding op je eigen website/log en plaats de link naar jouw post in een reactie hieronder. Ik vermeld je vervolgens in dit bericht.
Veel plezier bij het schrijven, ik zie uit naar je verhaal.
Marion

LEES DE VERHALEN OVER OF IN DIALECT VAN:
Wie volgt? ![]()
De volgende schrijfuitdaging wordt gepubliceerd op woensdag 30 oktober. Klik hier voor meer uitleg over Verbeeld een verhaal in zes woorden. Would you rather participate in English, please go to Six Word Story Challenge: Dialect.
—
Eerdere thema’s:
130216 – Armoede
130227 – Onderwijs
130313 – Lente
130327 – Schrijven
130410 – Licht
130424 – Muziek
130515 – Vervoer
130529 – Huisdieren
130612 – Spijt
130626 – Inspiratie
130703 – Reclame
130814 – Vakantie
130829 – Geheugen
130911 – Terrorisme
130925 – Jeugd
Men zegt dat Nederlands best moeilijk te leren is. As je onderstaande tekst leest, is er ook eigenlijk geen touw aan vast te knopen 😉
Men spreekt van één lot, en verschillende loten,
maar ’t meervoud van pot is natuurlijk geen poten.
Zo zegt men ook altijd één vat en twee vaten,
maar zult u ook zeggen: één kat en twee katen?
Laatst ging ik vliegen, dus zeg ik vloog.
Maar zeg nou bij wiegen beslist niet: ik woog,
want woog is nog altijd afkomstig van wegen,
maar is dan ‘ik voog’ een vervoeging van vegen?
Wat hoort er bij ‘zoeken’? Jazeker, ik zocht,
en zegt u bij vloeken dus logisch: ik vlocht?
Welnee, beste mensen, want vlocht komt van vlechten.
En toch is ik ‘hocht’ niet afkomstig van hechten.
En bij lopen hoort liep, maar bij kopen geen kiep.
En evenmin zegt men bij slopen ‘ik sliep’.
Want sliep moet u weten, dat komt weer van slapen.
Maar fout is natuurlijk ‘ik riep’ bij het rapen.
Want riep komt van roepen. Ik hoop dat u ’t weet
en dat u die kronkels beslist niet vergeet.
Dus: kwam ik u roepen, dan zeg ik ‘ik riep’.
Nu denkt u: van snoepen, dat wordt dan ‘ik sniep’?
Alweer mis, m’n beste. Maar u weet beslist,
dat ried komt van raden, ik denk dat u ’t wist.
Komt bied dan van baden? Welnee, dat wordt bood.
En toch volgt na wieden beslist niet ‘ik wood’.
‘Ik gaf’ hoort bij geven, maar ‘ik laf’ niet bij leven.
Dat is bijna zo dom als ‘ik waf’ hoort bij weven.
Zo zegt men: wij drinken en hebben gedronken.
Maar echt niet: wij hinken en hebben gehonken.
’t Is moeilijk, maar weet u: van weten komt wist,
maar hoort bij vergeten nou logisch vergist?
Juist niet, zult u zeggen, dat komt van vergissen.
En wat is nu goed? U moet zelf maar beslissen:
hoort bij slaan nu: ik sloeg, ik slig, of ik slond?
Want bij gaan hoort: ik ging, niet ik goeg of ik gond.
En noemt u een mannetjesrat nu een rater?
Dat geldt toch alleen bij een kat en een kater.
Je ziet, onze taal beste dames en heren,
is, net zoals ik al zei, best moeilijk te leren!

Toegestuurd door Marian. Bedankt, meis! x
~
Willekeur aan letters
neergesmeten
op wit vlak
~
Ontluikende chaos
ingetoomd
begrip in collectief
~
Expressie van beelden
gedachtenband
van mens tot mens
~
