Deze week is het thema van de schrijfuitdaging voor het zeswoordverhaal: WANDELEN. Lees verder “Zeswoordverhaal: Wandelen”
Auteur: Doldriest
Goedmoedige Reus
Zeswoordverhaal: Wandelen
Krokie Krokodil
“Ik moet naar school, Krokie, de vakantie is over.” Tess diept de kleine voorzichtig uit haar schooltas op en zet hem terug op de grond. “Je kunt niet mee.”
Krokie geeft zich echter niet zomaar gewonnen en bijt zich vast in de zoom van haar jurk. Ze giechelt. “Zo kan ik toch niet lopen, gekkie. Oké, ik weet wat. Zie je mijn knuffels daar zitten?” Ze houdt het beestje omhoog. “Zie je hoe stil ze zitten? Zo stil moet jij ook zijn, anders krijg ik problemen. Begrepen?”
Tess pakt haar vriendje op en hangt hem als een paraplu aan haar arm. Met de schooltas in de andere hand stapt ze de gang op.
“Dag mama, ik ben naar school.”
“Niet zo snel, jongedame. Laat eens zien wat je daar hebt?”
O jee.
“Krokie wil mee naar school, hij moet ook leren!”
“Je kunt geen krokodil mee naar school nemen, ook al is hij nog klein. Dat kan echt niet.”
“Echt wel.”
“Nee, echt niet, lieverd.”
“ECHT WEL!”
Als twee kemphanen staan ze tegenover elkaar, de armen stijf over elkaar geslagen, het meisje het evenbeeld van de moeder. Krokie zegt niets, maar klemt zich stijf met zijn staart aan haar arm vast.

De moeder kijkt naar haar vastberaden dochter. De rode krullen plakken tegen het verhitte gezichtje. Niemand in de dierentuin had verwacht dat het krokodillenjong het zou overleven, maar Tess heeft het vertroeteld en met kleine hapjes weten te redden. De twee zijn de afgelopen maanden onafscheidelijk geweest.
“Weet je wat? We vragen aan de juf of je hem mee mag nemen op Werelddierendag. En als je een spreekbeurt hebt. Dan kunnen al je klasgenootjes hem bewonderen. Deal?”
De krokodil kijkt naar Tess en zij kijkt terug. Ze knikt zwijgend. Terug in zijn terrarium krijgt Krokie een extra insectenhapje. “Voor je het weet ben ik alweer thuis. Ga maar lekker slapen.” Een teddybeer houdt hem onder de warmtelamp gezelschap. Als surrogaat-surrogaatmoeder.
Schrijfuitdaging #8 (maximaal 350 woorden) met een tekening als thema van Schaap Schrijft
Overtreffende trap
Vanmorgen stap ik op mijn werk uit de auto en zeg tegen mijn oudste zoon, die meegereden is:
“Mijn linkervoet slaapt.”
Hij:
“Mijn hoofd slaapt.”
Daar kon ik niet overheen.
Wandelaar
Geluk
geluk zit van binnen
heeft een plekje in je hart
je kunt het niet kopen, niet vinden
wel ervaren, beleven
het zit in kleine dingen
een zonnestraal op je gezicht
de schaterlach van een kind
die doordringt tot diep van binnen
geluk is wat je voelt
als je tevreden bent in het nu
niet verlangt naar straks of morgen
niet verlangt naar wat was
maar hier, nu,
grijp het moment en maak het van jou
dit ogenblik is van jou
ik wens je alle geluk
maar je moet het zelf durven
zijn
doen
❤️
Roodborstje
klik!
over de velden
–zonovergoten stilte–
klinkt roodborstje’s zang
Dit weekend de Nationale Tuinvogeltelling. Tel mee! Het is leuk en makkelijk.
Kletsverhaal
Sneeuwschuiver
Vanmiddag ontvang ik een WhatsApp van mijn jongste zoon.
Maar goed dat je niet thuis bent. Staat een vrachtwagen op de stoep. Vanaf de overkant!
Ik lees het nog een keer. Voor mijn geestesoog verschijnt het woonerf met zijn vier parkeerplekken en de met sneeuw en ijs beplakte weg. Een weg die haaks op de onze staat. Trek de lijn door, en je belandt in de flanken van mijn auto die daar normaal gesproken geparkeerd staat.
Gisteren had ik het nog met mijn baas erover dat ik misschien thuis zou werken, omdat ik op het werk zo vaak gestoord word en het weer de enerverende weken van roostergegevens aanleveren zijn. Dan heb ik volledige concentratie nodig.
Nou, die concentratie is inmiddels ver te zoeken. Ik tik terug:
Doorgegleden???
Maar het blijft stil aan de andere zijde.
Die vrachtwagen heeft natuurlijk te hard gereden op die ijsvlakte, bepeins ik. Hij kon niet meer op tijd remmen voor de bocht en is gaan schuiven. Recht op de plek waar mijn arme kwetsbare Twingootje stond!
Of zou staan, als ik thuis had gewerkt. Gelukkig zit ik braaf bij de Pabo. Ik vertel het aan mijn collega’s en iedereen leeft ontzet mee. Wat een geluk!
Als ik thuis kom, roep ik naar Sean.
Vertel nog eens precies wat er gebeurd is?!
Gebeurd? Wat is er gebeurd?
Met die vrachtauto!
Oh, dat. Ik keek uit het raam en zag een vrachtwagen half op de stoep staan. Na wat voor- en achteruitrijden en een paar keer steken haalde hij de bocht wel.
Ik zwijg, bedremmeld. De kreukelzones van mijn auto strekken zich op miraculeuze wijze weer uit tot een gave auto.
Huh? Maar was die vrachtwagen dan niet vanuit de andere kant aan komen glijden, BAM bij ons de stoep op? Hoe komt die anders op de stoep terecht?
Weet ik niet, ik heb het niet echt zien gebeuren. Maar dat zou ook best kunnen…
Ik vond mijn versie toch spannender.








