Geplaatst in Doldriest briest, Gezondheid

Ik hoop op jeukende ogen

Het is zondag. Door het keukenraam zie ik de auto’s van mijn buurtbewoners geparkeerd staan. Er heerst rust. Een vrouw in een geruite jas komt voorbij wandelen, haar golden retriever losjes bij de kladden. De hond snuffelt, tilt zijn poot op en laat wat territoriumdruppeltjes vallen. Een verleidelijke damp kringelt mijn neus binnen en genietend neem ik een slok. Kruidenmengsel Matin van Dille & Kamille, mijn favoriete thee voor de ochtend. Al zit er dille noch kamille in.

De aanblik van de straat zal morgenvroeg nagenoeg dezelfde zijn. Heel Nederland is immers opgeroepen om thuis te blijven, uitgezonderd de kernberoepen. Onderwijs hoort hier op dit moment nog bij, om zo de werkenden in de kernberoepen de mogelijkheid te geven om hun kinderen weg te brengen naar de basisschool en zelf aan de slag te gaan. Al zal hier vanmiddag misschien verandering in komen. Onze hogeschool is afgelopen vrijdag al gesloten voor studenten en medewerkers, voorlopig tot en met het einde van de maand.

UPDATE: 15 maart 16.40u: alle scholen gaan dicht!

Ik neem mijn pet af en buig diep voor onze real-life actiehelden. De mensen in de zorg, voor de leerkrachten, politie en brandweer en iedereen die dapper deze gezondheidscrisis het hoofd biedt. En ik leef mee met de mensen in isolement, al dan niet verplicht, en natuurlijk ook de zieken. Heel erg veel sterkte en waar nodig beterschap allemaal!

En dan de vraag hoe ik zelf iets kan bieden aan blogland.

  1. Serieuze informatie geven over het coronavirus?
    Ik durf haast geen nieuws meer te lezen, en toch check ik het online nieuws tig keer per dag. Het ene doemscenario na het andere komt langs. Reëel of volksgekte? De media duiken er gretig in. Brabant is in paniek, staat er. Vanmorgen was ik bij de supermarkt. Het was er niet druk, de mensen waren aardig en de schappen waren prima gevuld. Van mijn schoonzusje uit België hoor ik dat er rijen van 50 volgeladen boodschappenwagentjes bij de kassa staan. De term Hollandse nuchterheid heb ik al een aantal keren langs zien komen. De een bagatelliseert, de ander kan alleen het ergste denken. Wat moet je geloven? Iemand stuurde me een artikel waarin staat dat het coronavirus al jaren bekend is. Het werd zelfs onderzocht en door menselijk ingrijpen gemuteerd in de USA. En toen het daar te gevaarlijk werd, besloot China de onderzoeken voort te zetten. En waar ontstond de uitbraak? Juist ja, in China. Klopt het artikel, of is het nep? Wat is waar en wat is verzonnen. Een ding staat vast: ineens is de wereld verbonden door hetzelfde thema.
  2. Flauwe grappen maken over het coronavirus?
    Je hebt ze vast zien langs komen. Grapjes over mondmaskers. Over hamsteren van basisartikelen – ik zal je de details besparen. Zolang het COVID-19 niet dichtbij komt, is grappen delen een menselijke manier om de angst om te zetten in humor. De angst weg te lachen. Het verandert echter als iemand in je omgeving ziek wordt. Er zijn voorspellingen dat 60% van ons allen besmet wordt. Met ongemerkte, milde of heftige gevolgen. Soms dodelijk. Zou een lockdown nog helpen of is het virus al te ver verspreid? Als ik het goed begrijp is het het laatste, maar proberen we nu het ziek worden zoveel mogelijk uit te spreiden in de tijd, zodat ziekenhuizen de kans krijgen om de ernstige gevallen te helpen. In ploegendiensten ziek worden, zeg maar. En dat is bloedserieus.
  3. Zorgen delen over het coronavirus?
    Mijn ouders, ooms en tantes zijn onlangs samen op bezoek geweest in het ziekenhuis bij een erg zieke oom. Achteraf hoorden zij dat de patiënt met wie mijn oom de kamer deelde, besmet is met het coronavirus. Een zeer ongelukkige samenloop van omstandigheden. Een hele generatie van mijn familie zou zomaar in één keer weggevaagd kunnen worden. Ik heb dagelijks telefonisch contact met mijn ouders, en we videobellen.
    Een collega van mij gaat vandaag haar tweede quarantaineweek in. Gelukkig knapt haar man alweer aardig op, maar het was spannend. Zelf is zij, samen met haar kinderen, tot nu toe gespaard gebleven. Je leven wordt van de ene op de andere minuut onwerkelijk. Hoevelen van ons lopen ongemerkt met het virus rond. Dat freakin’ rotvirus, dat met zijn bijtgrage kaken gretig van de een naar de ander overspringt, zich vermenigvuldigt en floreert bij het lijden der mens. Zou de natuur terugslaan, na alles dat we verpest hebben in deze wereld?

Ik ga maar verder met op mini-schaal mooie dingen te scheppen en te delen met jullie. Met lekker eten maken. De slowcooker pruttelt en sputtert met rundvlees en veel verse groenten. Met samen met mijn zonen er het beste van maken. V-man zit bij hem thuis om alle kruisbesmetting te voorkomen. Ik tracht, samen met mijn getalenteerde collega ICT-coaches, onze docenten zoveel mogelijk te helpen, zodat zij het onderwijs van Avans de komende weken digitaal kunnen laten doorgaan. Op afstand.

Maar vandaag is het nog zondag. Even pas op de plaats. Even diep ademhalen en om me heen kijken. Ik merk de kleine dingen op, bekijk ze met aandacht. Wat vind ik er mooi aan, bijzonder aan. Die kleine dingen helpen me om evenwicht te vinden in het gedeelte waar we wel macht over hebben.

Komende week komt de lente ons verwennen. Met zon, warmte en hoop. En hoogstwaarschijnlijk ook met allergieën en hooikoorts. Nep-verkoudheidssymptomen. Dit keer zie ik de jeukende rode ogen met opluchting tegemoet. Gelukkig, het is maar hooikoorts.

Blijf hoop houden,
Blijf gezond,
Blijf bij ons,
Blijf!

Graag ook je aandacht voor een indringende blog van Satur9’s World. Ook zij eindigt met ‘Blijf’, maar dan met ‘Blijf thuis’. Lees: Liefde in tijden van Corona.

 

Geplaatst in Avans, Columns

Verkeerde verdieping

De wielen van mijn koffer trokken zwarte voren in de sneeuw. In het lamplicht dwarrelden de vlokken naar beneden, fris op mijn verhitte wangen. Ik zoog de koude lucht tot diep in mijn longen. Wat een verademing na de bedompte vergaderruimte.

Ik keek om me heen, het moest hier toch ergens zijn? De verlichte ramen gaven een steels inzicht in het Utrechtse gezinsleven, dat weerkaatst werd in het donkere kanaal. Hier de straat uit en… ja hoor, daar was het bruggetje waar de B&B eigenaar over had gemaild. Mijn passen versnelden zich, ik rook de stal. Wat een geluk dat ik op het laatste moment nog onderdak had gevonden in een B&B. De Munt of zoiets, ik had me er niet echt in verdiept.

Het silhouet van De Koninklijke Nederlandse Munt doemde voor me op. Gedachten aan bakken met geld, aan biljetten die klaarlagen voor gretige handen met gaten erin, verwaaiden op een koude windvlaag. Ik huiverde en draaide langzaam rond, speurde de huizen af. Daar was ‘Muntzicht’! Mijn B&B bleek gehuisvest in een statig pand. Dat werd genieten, ook al bleef ik maar een nacht. Morgen nog een bijeenkomst in de Domstad, maar vanavond had ik een afspraak met mijn roman.

sneeuw

De deur werd geopend door gastheer Jos. “Je bent aan de vroege kant, maar kom gerust binnen.” Verwonderd vervolgde hij “Ben je alleen?” Dat beaamde ik, en stapte de warme hal in. Ik trok mijn handschoenen uit en zei, “Vroeg? Ik had toch gemaild dat ik rond half zes hier zou zijn?” “Ik verwachtte je pas over een paar uur. Vergeef me, maar je bed is nog niet opgemaakt, en ook de wijn staat nog niet klaar. Maar dat hebben we zo gefikst.” Ik volgde hem naar de tweede verdieping, waar hij met vaardige hand de kamer in orde maakte. Ik schoof het gordijn opzij en keek naar buiten. Intussen zocht ik in mijn mobiele telefoon naar de bookingsite en wees hem op de berichten die we hadden uitgewisseld. Enigszins triomfantelijk zei ik, “Kijk maar, hier staat half zes, niet half acht.”

Jos wierp een blik op het scherm en zei toen langzaam: “Inderdaad, je hebt gelijk. Daar staat half zes… Het probleem is echter dat dit niet mijn mail is. Ik ben Jos. Van B&B Muntzicht. En jij hebt een kamer gehuurd bij Job. Van B&B De Klinkende Munt!” We keken elkaar verbluft aan en schoten samen in een onbedaarlijke lach. Het kan raar lopen. Twee B&B’s met de naam Munt erin in dezelfde straat met twee heren die nagenoeg dezelfde naam hadden.

Ik nam afscheid van Jos met een s, zette mijn hoed op, trok mijn handschoenen weer aan en ging met koffer in de hand terug naar beneden, de straat op. Acht huizen verder vond ik de juiste B&B. Job, die al ruim een half uur zat te wachten, lachte hartelijk om het verhaal. Ook deze B&B was erg mooi en ruim. Ik kreeg dit keer een kamer op de eerste verdieping, met koninklijk uitzicht op de Nederlandse Munt. Kon ik me eindelijk verdiepen in mijn boek.

 


 

Hoofdpersoon in deze winterse verwarring is Miranda Timmermans, Lector Leerkracht pabo Avans Hogeschool en voorzitter VELON Vereniging Lerarenopleiders Nederland. 

180529MT
LinkedIn

Twitter

Op verzoek van Miranda schreef ik deze column voor de nieuwste glossy van het lectoraat: ‘Leerkracht, Vierkant achter de Driehoek’.

Marion

Vegetarische week

Op donderdagavond eet ik altijd op mijn werk. Dit keer vermelden speciale bordjes dat het Vegetarische Week is, en of we mee willen doen. Tuurlijk!

Mijn collega vraagt aan de kok welke gerechten vegetarisch zijn. Zegt de kok heel serieus: “Eigenlijk alles. Behalve het vlees dan.”

We kwamen niet meer bij. 🤣

Geplaatst in Avans, Columns

Wat een geëmmer

Wie is hier de baas?

Twee conciërges lopen de afdeling op en kijken vragend in het rond. Ik kijk met ze mee en zeg,

Dat ben ik!

Nou ben ik dat helemaal niet, maar er is niemand van gezag aanwezig en ik ben wel in voor een verzetje na een intensieve werkdag.

Lees verder “Wat een geëmmer”

Geplaatst in Columns

Tijd voor Vakantie

Fris en fruitig arriveer ik op het werk en wil mijn lunch in de afdelingskoelkast in de pantry leggen. Het past echter niet. Als ik wat items verzet, grijp ik in een open roze-yoghurtverpakking. Een met geweld erin gepropte colafles had er het deksel afgewipt. Oké. Maar eens zien wat nog meer gebeurt daarbinnen, zeker gezien het feit dat haast niemand meer aanwezig is of zal zijn de komende weken.

Lees verder “Tijd voor Vakantie”