Geplaatst in Gedicht, Poëzie

Hemels Water

~

regen
druppel
op mijn gezicht
gevuld met zout
keer je weer
als traan

zondvloed
speldenprikken
rond, nat, klein
ik veeg ze af
en besef
ze doen geen pijn

regen
tranen
met opgeheven hoofd
voel ik het verschil
niet meer
nooit weer

en langzaam
droog ik op
door hemels water

~

131114regen

 

Geplaatst in Columns, Expressief, Natuur, Poëzie

Indian Summer

De zon stuurt haar warme stralen naar de aarde, waar de mens de gouden lansen verkleumd omarmt in een poging de zomer vast te houden…

Plagend dartelt een lichte bries rond, op zoek naar wat uitdaging. Al snel is het windkind verwikkeld in een schommelspel met blonde lokken. De vrouw lacht, schudt haar haren los en leunt dan met een haast onhoorbare zucht achterover in de tuinstoel. Een klein geluidje waaruit voldoening spreekt. Het gouden licht liefkoost haar huid en tovert vlammen van oranje en rood op haar oogleden. Een diep verlangen om altijd zo te kunnen blijven zitten golft door haar heen.

Op de achtergrond geluiden van een ander leven, een jachtig leven. Auto’s trekken op, een motor knettert in de verte. De sirene van een ambulance ploegt een pad van wanhoop door de omgeving. Wat zou gebeurd zijn? Dan leidt de stem van de buurvrouw haar weg van deze neerslachtige gedachte. Of ze nog koffie wil. Maar nee, deze vraag met ingesloten aanbod is niet voor haar bestemd. Getik van hakken kondigt een nieuwe indringer in haar stilte aan, maar de dreiging gaat voorbij zonder hoorbare gevolgen. Rust daalt neer als een sluier van welbehagen.

Wat lijkt de herfst nog ver weg op deze beschutte plek. Ze huivert even bij de gedachte aan striemende regen die een spoor van kilte achterlaat. Aan de wind, nu nog teder, maar later koud, krachtig, doordringend tot merg en been. Wanneer de zon verborgen wordt achter een deken van wolken. Een deken die geen warmte biedt. Aan bladeren die zich wanhopig met vingertoppen aan hun tak vastklemmen maar altijd de strijd verliezen, om doornat en vertrapt op de grond te belanden.

De ogen van de vrouw vliegen open en schitteren in een lichte paniek. Nee! Hoog boven haar strekt een hemelsblauw gewelf zich uit tot aan de horizon. De zomer is nog niet weg. Gerustgesteld strijkt ze met haar vingertoppen over de grond en verzamelt langzaam de flarden van haar gemoedsrust weer bijeen. Ontspant.

Dan verandert een terloopse blik opzij in een geconcentreerd turen. Ziet ze het nou goed? Op de plek waar een Indiase schone een rode stip schildert, zit een stippelbeestje als een bindi op het tuinbeeld. Een kevertje, gezonden door een lieve heer. De felle kleur contrasteert sterk met het zwart en de blik van de vrouw wordt onweerstaanbaar naar dit derde oog getrokken. Ademloos blijft ze kijken en ziet hoe het beeld tot leven komt, zich met haar koesterend in het nazomerlicht. Tengere hals kwetsbaar en daardoor sterk. Een glimlach verbindt de twee vrouwen – de een van steen, de ander van vlees en bloed – en samen heffen zij het gelaat naar de zon.

© Marion Driessen


Geplaatst in Gastblog, Natuur

De wandeling

Gastblog door mijn oom Albert Driessen, 16 juni 2010

De wandeling

Mijn wandeling start bij het Laervoetpad en voert mij via meerdere veldwegen naar kasteel Hoensbroek.

Na zo’n paar honderd meter kom ik aan de Geleenbeek en steek bij het brugje over. Ik sta even stil en kijk naar de beek die zich meanderend een weg baant door het prachtige landschap dat gesierd wordt door oude en jonge bomen aan weerszijde van de beek. Stil geworden van zoveel schoonheid geniet ik intens en in gedachten verzonken vervolg ik mijn weg.

Bijna aan het einde van het Laervoetpad ligt rechts de oude boerderij van boer Laeven. Aan de linkerzijde staat een prachtige oude appelboom die zolang ik mij kan herinneren – en dat is 69 jaar – er altijd gestaan heeft. In vroegere tijden had hij een mooie kruin. Tijdens warme zomers zochten koeien er dikwijls verkoeling onder. Menige mand werd door boer Laeven met de heerlijke appels gevuld en vervolgens aan de man gebracht.

Nu, in de herfst van zijn appelboom-bestaan, heeft hij een kruin waar een niet al te grote vogel met een beetje geluk nog een schaduwplekje kan vinden. Getekend door de tand des tijds staat hij daar, een beetje gebogen maar nog steeds met een kruintje waarmee hij met enige trots toch nog een kleine bijdrage levert. Geen manden meer zoals in vroegere tijden… Maar boer Laeven is een boer naar mijn hart, die respect toont voor deze trouwe boom die hem zo vele jaren zoveel vruchten schonk.

Zo kijkend naar deze oude schoonheid zie ik overeenkomst met mijn eigen leven. Ik heb een fijne jeugd gehad. Daarna begon de levensfase van hard werken en zorgen voor mijn lieve vrouw, die mij twee mooie, gezonde en krachtige zonen heeft geschonken Nu, in de nadagen van mijn leven, is mijn lichaam getroffen door kanker en een zenuwaandoening, die mij in mijn werkzaamheden belemmeren. Toch probeer ik zo goed en zo kwaad als het kan – net als die boom – mijn steentje bij te dragen aan mijn gezin, familie en vrienden.

Een passerende trein doet mij opschrikken uit mijn mijmeringen. Het spoor ligt aan het einde van het Laervoetpad. Ik vervolg mijn wandeling en steek de spoorwegovergang over. Na enige meters rechts aanhouden kom ik langs een boerderij. De naam van deze boer is mij niet bekend. Na ca. 150 meter loop ik via het viaduct onder de snelweg door en kom in het gehucht Hellebroek. Op de T-splitsing aangekomen sla ik links af en buig even later rechtsaf een veldweg in.

Hier loop ik, door weiden en akkers omgeven in een vredige rust door het landschap. Zo af en toe zie je een landarbeider die bezig is met onkruid wieden en een torenvalkje dat speurend naar een prooi plots naar beneden schiet om zijn prooi te grijpen. Bijna aan het einde van de veldweg kom je bij een begroeiing die bestaat uit hagen en oude bomen die tesamen een holle weg vormen. Als je goed kijkt tref je nog sporen aan van dassen die hier in hun burchten wonen. Van al deze natuurlijke schoonheid raak ik geëmotioneerd. Ik loop met tranen in mijn ogen verder, genietend van deze enorme schoonheid.

Aan het einde van de veldweg zie ik rechts van mij een woning met volière waarin papegaaien van gips op stokjes zitten. Iedere keer als ik hier langs kom blijf ik even staan om naar deze mooie bontgekleurde groep vogels te kijken. Ik loop verder en kom langs de oude smidse van vroeger. Tegenwoordig is hier een restaurant gevestigd. Op dit punt sla ik linksaf en sta aan de voet van de Brommelenberg. Ik kijk omhoog en denk Al, wat doe jij jezelf nu aan?!, maar na enig zwoegen heb ik hem bedwongen en sta voor de zoveelste keer te kijken naar het veldkruis dat aan de overkant van de weg staat, precies tussen twee oude bomen. Steeds wanneer ik hier aan voorbij ga trekt het mijn aandacht. Soms lijkt het alsof het zeggen wil: Al, je tijd is nog niet gekomen!

Vrolijk fluitend – of zingend – vervolg ik dan mijn weg. Even verderop ligt de eeuwenoude hoeve Terlinden waar sinds generaties boer Roebroek woont. Ik steek de brug over de snelweg over en krijg de vieze uitlaatgassen in mijn neus.
Gelukkig loop ik na een tiental meters weer onder een haag van groene frisse bomen. Bij de T-splitsing sla ik linksaf de Klinkertstraat in. Links van mij schittert de Droomvijver als een grote parel in de glanzende zon.

Aan mijn rechterkant zie ik het prachtige eeuwenoude kasteel Hoensbroek in al haar pracht en praal. We zijn aan het einde gekomen van mijn wandeling. Ik voel mij vrij van alle zorgen en ben ik blij dat ik in Hoensbroek geboren en getogen ben. Ik hoop dat ik nog vele jaren mag genieten van zulke mooie momenten, en dat ik de gevoelens voor de natuur ook mag overdragen aan mijn kleindochter en oogappel Romy! Bij het schrijven van deze wandeling kwam er af en toe een traantje om de hoek kijken. Dat zal wel aan de leeftijd liggen; je bent sneller geëmotioneerd. Vroeger… vroeger zou mij dat gestoord hebben maar nu, op deze leeftijd aangekomen, hoef ik niet meer stoer te doen!

Al.



Geplaatst in Algemeen, Expressief

Rimpels, sierraad of vloek?

Pas geboren, gezicht verwrongen
Maar al gauw kom je tot rust
De bolle wangen van een peuter
Die door iedereen worden gekust

Besmeurd met zand, weg is de tand
Vanuit kind-zijn treedt een nieuwe fase in
Het puberschap wint de strijd al snel
Met ontsierende acné op haar kin

Dan ineens een baard, de stem daalt
Lijf ontwikkelt zich tot man, tot vrouw
Dag kinderlijke onschuld, dag spel
intrigerend karakter in opbouw

Volwassenheid nadert en blijft
Fijne lijntjes tekenen het gelaat
Lachrimpels, zorgrimpels,
Pret, liefde, verdriet, soms zelfs haat

Rimpels, stille getuigen van emoties
Door de jaren verzameld als buit
Je kunt ze wegpoetsen
Maar nooit onder de huid…

Wat is dit een mooie vrouw, van binnen en van buiten. Het is een foto van Jane Goodall, die 50 jaar geleden op 14 juli 1960 met haar baanbrekende onderzoek naar het gedrag van chimpansees in Gombe, Tanzania, begon. Een vol en interessant leven, een vrouw die koos en vocht voor haar overtuiging.

Vind je haar rimpels storend? Ik vind ze echt prachtig!

Ieder lijntje vertelt een ander verhaal, van blijdschap, van zelfopoffering en overwinning, van diep verdriet tot uitzinnige vreugde. Van dagelijkse zorgen en een stil genieten. Van wanhoop, eenzaamheid, verveling en passie. Rimpels van expressiviteit, een gezicht dat nooit stil staat.

Rimpels ontstaan door de uitdrukkingen die we dag in dag uit van jongs af aan herhalen. Voor het maken van deze gezichtsuitdrukkingen hebben we spieren nodig die als elastiekjes werken. Als we ouder worden, neemt de elasticiteit van de huid af en trekt het gezicht zich niet meer glad. Zo veroorzaakt lachen bijvoorbeeld vooral rimpels rond de ogen en de mond.

Het beeld van de moderne mens in de 21e eeuw is een beeld van snelheid, mensen die zich haasten om op tijd te komen, om zoveel mogelijk te doen in zo weinig mogelijk tijd met zoveel mogelijk middelen om alle informatie binnen te kunnen halen. En we moeten ook nog goed, jong en fris uitzien. Geen probleem hoor: rimpels kunnen behandeld worden met botox en fillers zoals hyaluronzuur en collageen-injecties. Lijnen worden tijdelijk opgevuld, lastige spiertjes worden tijdelijk stilgelegd. Ook is plastische chirurgie mogelijk.

In mijn jeugd waren mensen van 50 oud. Ze zagen er niet alleen zo uit, ze gedroegen zich ook zo. Tuttige kleding, een bedaard leven, geen uitspattingen of rare streken meer. Als tante Sarah en oom Abraham op bezoek waren geweest, dan was het avontuur ver over. Gelukkig is dat tegenwoordig anders: mannen en vrouwen staan midden in het leven, maken bewuste keuzes in werk, in reizen, sporten. Hippe oma’s die genieten van hun kleinkinderen, maar zeker ook van hun eigen volle leven, smaakvol gekleed en goed verzorgd. Als ik zo’n enthousiaste bruisende vrouw zie, dan denk ik “Zo wil ik later ook zijn!”.

Moet zo’n beeld dan ook nog kunstmatig jong gehouden worden? Is er iets mis met een gezicht dat niet meer glad is, er niet meer uit ziet als een tienerhuid? Moeten we rimpels en lijnen wel zien als een vloek? Door botox en andere ‘magische’ middelen verandert de gelaatsuitdrukking. De huid kan dan wel strakker zijn, maar het sprankelende, het expressieve en karakteristieke is weg. Vaak is een gezicht niet meer in balans en komt van het een het ander. Waar ligt de grens, wanneer is het goed genoeg?

Natuurlijk kunnen er ook medische redenen zijn voor plastische chirurgie, zoals een verminderd gezichtsvermogen door overhangende oogleden. Niets is erop tegen om de natuur dan een handje te helpen. Maar zuur en injecties? Spieren stilleggen? Keep the hell away from me!

Rimpels, stille getuigen van emoties
Door de jaren verzameld als buit
Je kunt ze wegpoetsen
Maar nooit onder de huid…

Ik vind dat we er veel trotser op mogen zijn!