Geplaatst in Gezondheid, Poëzie

Levensbron

Tussen hoop en vrees
elke dag, ieder moment
een bitterzoete strijd
met moeheid en pijn
samen
en toch alleen

Je perst eruit wat erin zit
iedere druppel
smaakvol dorstlessend
gevuld met levenskracht
oneindig kostbaar
en liefdevol

Houd je vast, lief
dappere meid
we zijn bij je
van ver toch heel dichtbij
vlinderzacht gedacht
leven we met je mee

 

210131roodborstje

~ voor Mootje ~

Geplaatst in Weekjournaal

#4 – Wintervlinders

De week schakelt rustig in zijn eerste versnelling, zoals zoveel weken tegenwoordig: ik kus V-man in de vroege ochtend wakker, kachel naar huis en duik daar achter mijn bureau. Als het weer donker wordt appt Melodyk: het door Peter Jackson geregisseerde Mortal Engines is op tv. Ik heb echter al een afspraak met Hercule Poirot en wijd de rest van de avond aan de Mergelier. Dinsdag kan ik mijn nieuwsgierigheid niet meer bedwingen en start de film, op zoek naar het Lord of the Rings-gevoel. Jongstezoonlief en ik samen op de bank. De mensheid blijkt bijna uitgeroeid en leeft in mobiele steden. Een rollend Londen besluit de Brexit terug te draaien en weer aansluiting te zoeken bij Europa. Eigenlijk willen ze ons annexeren. Wat de hebzucht van één man toch allemaal teweeg brengt. Aan het einde gelukkig al goed. Heerlijk ontspannen.

Eigenwijs toch naanbrood met knoflook en koriander gegeten. Iedere hap is hemels. Het beetje yoghurt dat op de verpakking vermeld wordt is al lang uitgedroogd, bedenk ik optimistisch. Mijn lijf denkt daar anders over. Ik geniet na tot de volgende middag. Eigenwijs moet eigenlijk eigendom heten, maar dat woord is al bezet.

De laatste aankoop van de Grote Toilet Verbouwing is een feit. Voor het eerst van mijn leven bied ik mee op een online veilingsite. Ik heb een nostalgisch toilet ontworpen, met zeegroene tegels, een mozaïek op de vloer, een ouderwets kraantje, een bakkersrek en een poster die ik al meer dan dertig jaar heb. Het enige dat nog ontbreekt is een spiegel. Ik weet precies wat ik wil: een oude spiegel met houten omlijsting en in het glas geslepen bloemen, al bestaat zoiets waarschijnlijk niet. Wel hoor! Op Catawiki komt mijn wens tot leven: een oude Art Deco spiegel in de vorm van een vlinder, perfect passend bij mijn Tiffany kerstcadeautje.

Welk bod breng je in zo’n geval uit? Ik kies voor € 25,-. In de loop van de week loopt de prijs op, en het einde van de veiling komt in zicht. Ga ik weer meebieden of ga ik niet bieden? Gelukkig ken ik mezelf. Als ik het niet doe, blijf ik dromen van dat ding. Le moment suprême nadert en nadert, en ik zit met mijn hand op de muis. Nee, niet de pindakaasmuis; dit keer de staartloze muis. De minuten tikken voorbij en als de teller op zes seconden staat klik ik. Shit, moet nog eens bevestigen! Mijn vingers trillen van de spanning. Ineens springt de klok naar nóg een minuut. Ik vloek als een zeeman en houd argwanend het rijtje biedingen in de gaten. Laat niemand het wagen! Na zestig zenuwslopende seconden staat er ‘Gefeliciteerd! Je hebt dit kavel gewonnen!’ Echt? Echt. Hoera! Een paar dagen later wordt het nog echter en pak ik de zorgvuldig verpakte spiegel uit. Is het geen plaatje?

Update: V-man heeft de spiegel opgehangen:

In februari komt er een nieuwe uitdaging bij op het werk, dus deze week is voorlopig de laatste kans om nog wat uren op te nemen. Op woensdag slaap ik een beetje uit, lummel wat rond, en trek er met jongste zoon op uit. Zijn pad door het leven loopt meestal soepel, maar draait regelmatig ook een andere kant op, heeft U-bochten en werpt wat versperringen op. We bomen en babbelen erover, terwijl ik mijn telelens richt op verre dingen. Er zitten prachtige plaatjes bij, van dreigende wolken en zonlicht. De zaken die van dichtbij in het oog springen, tackel ik met mijn telefoon. Maar goed ook. Thuis gekomen blijkt het geheugenkaartje van de camera nog in mijn laptop te zitten. Ik bonk met mijn hoofd op het bureau.

Wat later die dag wordt de tweede Boerschappen-box geleverd, de vegan versie dit keer. No way dat ik nog een keer verlekkerd naar dingen ga staren die ik toch niet mag eten en die mijn huisgenoten niet lusten. De bezorger tilt zich haast een breuk. Ik gebaar naar de deurmat, bedank hem en brul naar boven. ‘Kan iemand even een doos tillen?’ Jongste zoon rolt spierballen en zet de box op de keukentafel. Nieuwsgierig klap ik de kartonnen flappen opzij en zie een volle doos. Hè? Het raadsel is snel opgelost: onderin vult een pompoen de gehele bodem. Een pompoen voor 2 personen. Een pompoen van 35 centimeter doorsnede. Die past niet eens in mijn grootste pan.
’s Avonds maak ik soep van de kastanjechampignons, bak een omelet met paprika, en rooster de aardperen met zeezout in de airfryer. Deze voor mij nieuwe groente smaakt verrassend goed en doorstaat zelfs de strenge eettest van de jongens.

Donderdag geen gedonder, maar vooral veel gedrup. Heel veel vette natte druppels. Maar dat dondert donderdag niets. Ik kruip even na half acht achter mijn laptop en sla die om kwart voor zes dicht. Het is een drukte van belang op de digitale wegen, met veel hulpvragen. Gelukkig zijn ze op te lossen. In de avond een mierzoete op-weg-naar-Valentijn-film; mijn vullingen breken bijna in stukjes. Nu gaat de film ook over een banketbakker en zoete muffins en scones en soesjes en chocolade. Oudstezoonlief komt naar beneden, op zoek naar juist iets hartigs. Hij trekt een zak zoute chips open en biedt mij er een aan. Een chippie, niet een zak. Ik stop hem in mijn mond en kijk smachtend. Hij reikt weer in de trommel en geeft me een zoute stick als troost. De schat.

Wie zich trouwens niet aan de WeightWatchers houdt, is mijn tuinmuis. Iedere dag seilt zij ab van het muurtje en doet zich tegoed aan de pindakaas. Ze blijft zelfs zitten als ik het raam open voor Smokey. Gelukkig zie ik het knaagdier smikkelen en trek het raam met een bons voor kater’s neus weer dicht. Ik wurm me door een kiertje van de deur naar buiten en tracht de enthousiaste kater tegen te houden. Muis heeft ons in de gaten en laat zich met een plof naar beneden vallen. Een plof! Dat beest wordt te dik. Straks roeit zij met haar pootjes op haar dikke buik vooruit, maar raken de teentjes de grond niet meer. Zover is het gelukkig nog niet. Ze draalt niet, maar schiet weg naar veiliger oorden. De kat snuffelt weemoedig op de landingsplek. Hoe lang gaat dit nog goed? Als het aan Smokey ligt niet lang, ook al heeft hij geen boventanden meer

Op de laatste werkdag van de week (mijn vrije dag) zijn de wolken nog steeds lek, kapot gewaaid door de harde wind. Zoveel wind dat mijn paard het niet aandurft, bang dat ik van haar rug wordt geblazen. Ik besluit mijn eigen onderstel aan het werk te zetten en loop wat later die ochtend mijn grote ronde. Tot mijn verontwaardiging zegt de app dat het maar 3200 stappen zijn. Maak ik ze te groot, of is de ronde gekrompen? Toch maar weer het horloge gaan dragen, dat is wat guller met het aantal. Ach, who cares! Mijn neus is fris en mijn wazig blikveld verruimd. Mijn brein weet nog steeds niet door welke laag van de lenzen het in de verte moet zien. Ik sta regelmatig stil en dek om beurten mijn ogen af, train ze tot ze gaan tranen. Zie nog wat tuig op straat lopen, maar als ik dichterbij kom blijkt er een Rottweiler in te zitten. Verheugd maak ik lokkende geluidjes, maar het baasje kijkt me bevreemd aan. Doorlopen, Mar!

Tijdens het middaguur bevind ik mij op het ‘Aogse Mertje’. Een man kijkt diep in mijn ogen, strekt zijn hand uit… en schuift mijn lens voorzichtig op en neer. Alles is rustig, en met gemak lees ik de onderste lettertjes op het blad dat hij me voorhoudt. Ook het schermkijken gaat steeds beter. Volgende week krijg ik als experiment een ander setje lenzen toegestuurd, waarbij het leesgedeelte in de periferie zit. Dan kan ik vanuit mijn ooghoeken bij de buurman meelezen en op het zelfde moment de horizon bewonderen. We gaan het meemaken.

Fijn weekend!

Geplaatst in Weekjournaal

#3 – Verslaafd aan pindakaas

Het is maandagochtend kwart over zeven. Een lichte regen verfrist mijn gezicht als ik van V-man weer naar huis fiets. En dat is maar goed ook, want die dag zit ik tot laat in de avond achter mijn laptop. Oorzaak: een digitale informatiebijeenkomst. De dag erna zegevier ik om 21 uur over notulen waar ik al weken tegenaan hik. Niet zo erg, want het is toch hondenweer.

Als beloning vallen woensdagmiddag de lenzen op de deurmat. Na de laatste meeting beklim ik de trap en volg nauwlettend de aanwijzingen: alles klaarzetten, handen zorgvuldig wassen. Ogen opensperren en rustig de lens inbrengen. Toppie!
Drie uur later wil ik ze uitdoen, en –door het succes overmoedig geworden– lees ik dit keer de aanwijzingen niet. Dat weet ik vast nog van tien jaar geleden. Mijn ogen voelen wat droog aan, dus ik doe er eerst wat vloeistof in en haal dan de lenzen eruit. Ik zei, dan haal ik ze eruit. Nee, eruit! UIT!
Niet dus. Met geen mogelijkheid. Ze laten zich niet verleiden en glibberen gezellig over mijn oogbol heen. Na tien pogingen zijn mijn ogen inmiddels aan twee kanten rood.
Ik piep: ‘Mijn lenzen, ze willen niet!’
Het laconieke antwoord van zoonlief: ‘Rustig blijven.’
O ja, natuurlijk, dat is het. Dat helpt, het gaat meteen stukken beter…
‘Ze gaan er écht niet uit.’ De paniek slaat lichtelijk toe.
Na de vijftiende keer geeft de linkerlens zich met een plop gewonnen en belandt in mijn hand. Wat een opluchting. Vastberaden wend ik mij tot het rechtergedeelte. Ik zal het winnen! En inderdaad, na twintig keer overwint ook de rechterlens zijn bindingsangst en landt vederlicht in mijn hand. Ik dep het bureau en mijn voorhoofd droog.

Diezelfde middag ontvang ik mijn eerste Boerschappen: de oogstbox. Verlekkerd pak ik hem uit: zoete aardappelen, paarse spitskool, waspeen die je nog echt moet wassen, gekookte rode biet, sjalotten, twee stevige portobello’s, een tomatoblend, gedroogde bruine bonen, knapperige Conference peren en verse eieren. Ik hoor de hennen kakelen. Het eerste recept dat ik maak is ‘Marokkaanse zoete aardappeltajine met peen en gekookt ei’. Het recept zou binnen 40 minuten op tafel staan, inclusief baktijd. Het wordt meer dan anderhalf uur, maar het resultaat mag er zijn: heerlijk.

’s Avonds stuur ik de proloog en het eerste hoofdstuk van mijn boek naar mijn schrijfcoach. Voor het eerst laat ik iemand een stuk lezen. Niet om te redigeren, maar gewoon om haar een algemene indruk van mijn schrijfstijl te geven, om te zien of ik op de goede weg ben. Spannend!

Na alle opwinding kan ik wel wat rust gebruiken. Ik neem je een stukje mee op mijn donderdagochtendwandeling. Niet spectaculair, wel rustgevend.

Daarna is het de vraag: doe ik ze in of doe ik de bril. Niet te flauw, hop erin! Dat gaat weer prima. Toch maar even de optometrist om raad vragen.
‘Zo te horen passen ze wel erg goed. Had je wel droge vingertoppen?’ informeert Hans.
Ik sla mijn ogen met lenzen ten hemel. Nee, die waren zeiknat van de vloeistof, natuurlijk krijg je ze er dan niet uit. Blond hè. Vier uren later ga ik weer naar boven, en bij de tweede poging heb ik de lens al te pakken. Zo leer je nog eens wat.

Vrijdag laat in de middag hang ik aan de lijn met een vriendin en kijk toevallig uit het raam. Wat een rare vogel in de pindakaaspot? Een vogel met een staart. Natuurlijk heeft een vogel een staart, maar niet zo eentje. Het is vast een Avis Murem Arachis.

Verbluft doe ik de achterdeur open en sluip voetje voor voetje dichterbij.

Het beestje voelt nattigheid, klimt op het huisje en verschuilt zich erachter.

Dan laat hij zich met ware doodsverachting langs de muur naar beneden vallen en schiet achter de kruidentuin. Geen wonder dat mijn kater daar altijd rondsnuffelt. Met mijn telelens binnen handbereik wacht ik geduldig af en ja hoor: de muis is niet weg te slaan bij de pindakaas. Wat een schatje. Zou hij verslaafd zijn?

Zaterdag op mijn tocht naar de AH spot ik een vos die van de winterzon geniet. Als ik thuis kom is daar het verlossende mailtje van Giovanna. Ze is positief, zowel over het verhaal als over mijn schrijfstijl. Wat ben ik opgelucht, en blij.

Tot slot nog een treurwilg in zijn zondagse pak.

Ben je ook klaar voor een nieuwe week?

Geplaatst in Zwart-Wit

Tapijt van bladeren

klik voor details

Geplaatst in Weekjournaal

#2 – Gevallen

Alweer een week van 2021 voorbij! Het jaar raast net zo hard door de bochten als zijn voorganger. Trump gevallen. Het kabinet gevallen. De sneeuw gevallen. Steeds meer corona-gevallen. We zijn met z’n allen op weg, maar niemand weet waarheen.

Afgezien van afgelopen zondag, toen wist ik namelijk precies waar we naar toe gingen: naar de bossen van Ulvenhout.

Zonlicht doorsneed nevelige flarden. Het was feeëriek, een sprookje in groene en bruine tinten. Ik zal nu even mijn mond houden, dan kunnen jullie rondkijken.

Mooi hè? Zonder de rust, de stilte, het buiten zijn, zou ik gillend gek worden. Dagen vol Teams meetings, sollicitatiegesprekken (waarbij ik aan de andere kant van de tafel het scherm zat), een landelijke toets die in het honderd liep, dus in de avond nog surveilleren, bakken vol met nooit aflatende mails.

Stilte versus turbulentie. Rust versus stress. Deze buurtvrienden begroeten me iedere dag, de een wat op afstand…

de ander van ‘iets’ dichterbij. 😉

Verder heb ik me aangesloten bij het WeightWatchers leger. De rantsoenen vallen reuze mee. Eigenlijk komt het neer op gezond, bewust en lekker eten, met ruimte voor weekend-uitspattingen. Hieronder als lunch verse makreel, paprika, komkommer, tomaten, bieslook, peper en wat zout. Om te smullen. En ben al wat afgevallen. Ik ben om!

Toen V-man mij afgelopen zondag een zak Japanse mix (mwah) en zoute chips (kwijl) voorhield, kon ik alleen maar denken: chips 11 punten, Japanse mix 4 punten. De keuze was ineens heel gemakkelijk. Nou ja, meer omdat ik door die verstandige keuze ook nog een glaasje port mocht.

Geweldig om zelfs in COVID-tijden nieuwe initiatieven te zien. Deze Vintage Garage spotte ik vrijdag in mijn dorp. Ik werd onweerstaanbaar naar de etalage getrokken en stond met mijn neus tegen het raam. Ooooh, om daar ongestoord te mogen rondstruinen!

Diezelfde dag op bezoek geweest bij de optometrist. Al maanden word ik geplaagd door hoofdpijn, lichte misselijkheid en vermoeide ogen. En mijn brillen zijn bijna zes jaar oud. Na een onderzoek van een uur bevestigde de man wat ik zelf ook al vermoedde: mijn ogen waren achteruit gegaan. Of zoals de optometrist zei: de bril blijft dezelfde, de mens verandert.
En nu gaan we een experiment aan: ik ga weer lenzen proberen. Tien jaar geleden heb ik ze voor het laatst uitgedroogd van mijn oogballen gepeld. Deze heer is ervan overtuigd dat perfect passende lenzen geen problemen mogen geven. Multifocale lenzen met een cilindrische correctie. Niet meer wisselen van bril. Geen mistig beslagen glazen. Niet meer knijpen met mijn ogen. Personeel van de supermarkt vragen om de kleine lettertjes te lezen. Het wordt een traject van uitproberen, aanpassen en volhouden. De komende week kan ik de eerste set al in mijn ogen proppen. Zou ik nog weten hoe het moet? Komen jullie helpen? Anders laat ik ze nog vallen.

De eerste sneeuw van het jaar is een feit.

Allemaal een fijn weekend. x

Geplaatst in Weekjournaal

#1 – Een beetje lente

Het nieuwe jaar is al een weekje op weg. Hooggespannen verwachtingen, over vernieuwing, over verbetering. De coronacijfers vertellen helaas een ander verhaal. En de beelden van de bestorming van het Capitool laten zien dat de betere tijden nog heel even op zich laten wachten.

Om die nare smaak weg te krijgen trokken we de frisse buitenlucht in. En iedere stap was een cadeautje: het leek wel lente! In de zon dan hè, de schaduwen waren nog in de ban van de kou. Ik sleepte V-man mee langs mijn ‘paardenroute’.

Deze twee leken druk bezig met hun persoonlijke hygiëne, maar eigenlijk was het voorspel. De lente was deze kerel blijkbaar recht naar het hoofd gestegen, want nog geen drie tellen later had hij er zin in. In haar, bedoel ik.

Waarom bukken als het niet hoeft?

In de verte zag ik een deel van de kudde. Ik liep een inham in en kroop langs een paardentrailer om dit plaatje te schieten…

… waarop een vriendelijk dame van de stal mij van een afstandje vroeg wat ik aan het doen was. Fotograferen natuurlijk! Opgelucht antwoordde ze dat je tegenwoordig zoveel rare dingen hoort en ziet. Blijkbaar was ik geen raar ding. Ze banjerde door de modder naar mij toe en we keuvelden gezellig verder. Ik vertelde haar over Doldriest, en dat ik daar regelmatig foto’s van hun paarden show, waarop zij onmiddellijk naar haar gsm greep en de website intoetste. Dat zouden ‘haar meiden’, die dag in dag uit onvermoeibaar de dieren vertroetelen, leuk vinden!

V-man stond intussen aan de kant van de weg te wachten, dus met een zwaai nam ik afscheid van de spontane vrouw. We vervolgden de route. Wat verderop trof ik deze Golden aan, die in het zonnetje de wacht hield bij een krat. Ik besloot het bier te laten voor wat het was. De krat was toch bijna leeg.

Wij waren niet de enigen die van de zaterdagrust genoten.

Vakantie! Normaal gesproken denk ik onmiddellijk aan vakantie als ik een vliegtuig hoog in de blauwe lucht voorbij zie glijden. Nu dacht ik alleen: blij dat ik er niet in zit.

Weer terug in de bewoonde wereld passeerden we deze gastvrije entree

en wat mooie details bij andere huizen.

Kleine natuur kan zo mooi zijn.

De coaching van mijn schrijfproject is inmiddels in volle gang. Het was wel even slikken toen Giovanna bevestigde wat ik zelf al vreesde: mijn verhaallijn was te gecompliceerd en niet genre-vast. De afgelopen week heb ik dus een aantal elementen eruit gehaald en de plot herschreven. Maar het resultaat mag er zijn: het voelt nu natuurlijk, vloeiender, meer een eenheid. Ook heb ik het verhaal in hoofdstukken verdeeld, zodat ik de losse scènes op volgorde kan gaan zetten en koppelen. En natuurlijk nog heel veel schrijven! Mensen, wat ben ik blij met deze fantastische, bemoedigende en eerlijke coach.

Doordat mijn aandacht nu op mijn boek is gericht, zal ik regelmatig een weekjournaal publiceren in plaats van de reguliere blogs.

Fijn weekend allemaal!
x

Geplaatst in Persoonlijk

Schrijfcoaching

2021EEN GLOEDNIEUW JAAR — TIJD VOOR NIEUWE AVONTUREN!

De aanloop naar mijn nieuwe avontuur startte op 14 juli, de dag dat ik besloot Giovanna Jansen te benaderen over iets dat ik had gelezen op haar website Over Schrijven Gesproken.

Het afgelopen half jaar hadden we vaker contact. Ik ontving haar nieuwsbrief en schreef me in voor de schrijvers-adventskalender: elke decemberdag een tip over schrijven in je mailbox.

Enthousiast geworden door haar toegankelijke informatie, het gulle delen van haar kennis en de prettige toon van haar e-mails, besloot ik Giovanna te vragen om mij gedurende een half jaar te coachen bij het schrijven van mijn boek. En ze zei ja! Hoe cool is dat? 😀

Gisteren ben ik gestart. Mocht ik wat afwezig zijn of kijken: de komende maanden zit ik met mijn hoofd in een andere dimensie…