Geplaatst in Gezondheid, Korte verhalen, Persoonlijk

Kriebels

Buiten is het een en al bedrijvigheid. Mussen klemmen zich vast aan de pindakoker, knabbelen aan het vogelzaad en pikken wellustig in de pindakaas. Geen gewone pindakaas, maar speciale. Zonder zout. En twee keer zo duur natuurlijk. De tortelduif loopt geagiteerd over de tuintafel, en brokken nat brood belanden met enige nonchalance buiten de voederbak. Maar geen nood, die eet hij straks wel op. Of anders morgen; het buffet is immers dagelijks geopend.

De tuin is groen, weelderig, wild. Regen spat in koude druppels uiteen. Ze zullen wel kriebelen, daarbuiten. Net als haar hoofd kriebelt, hierbinnen. Zes weken is zij al niet zichzelf. Zes weken is haar perceptie van de buitenwereld verstoord. Verdraaid. En haar binnenwereld ligt aan duigen. Woorden zinken weg in de grijze massa, worden niet vastgehouden. Met een scheve lach laten zij heel even hun schittering zien, maar worden dan weer dof, ongrijpbaar. Het is niet dat ze diepte mist, integendeel. Haar blik is juist dieper dan normaal. De draaiingen voeren haar net iets verder weg dan anders, zwieren met een bocht naar rechts, terwijl haar gedachten links blijven hangen.

Ze strekt haar hand uit, en wordt onmiddellijk beloond met gespinde kopjes. De kat laaft zich aan haar aanwezigheid en is verrukt over de aandacht. Gezapig strekt hij zijn lenige lijf en klautert over de leuning van de bank op haar schoot. Die paar haren op haar kleding neemt ze voor lief. Liever dan de vage afstandelijkheid. Door de muren sijpelt het stemgeluid van de buren, ze hebben visite. De wereld lijkt ver vanuit haar cocon.

In gedachten verzonken dwaalt haar blik weer naar buiten, keert zich dan naar binnen. Naar de vreemde gewaarwording in haar hersenpan. Links, altijd links. Ze wil haar hoofd onder een kopieerapparaat leggen, herschikken met een 3D-printer. Opnieuw opbouwen, laag voor laag, tot het weer stabiel is. Maar geduld is het enige dat rest. Al is daar slechts een restje van over. Gelaten grijpt ze haar boek. De letters zijn kleine rotsen op een zee van pagina’s. Ze is er klaar mee. Uit alle macht dwingt ze haar brein tot gehoorzaamheid. Luister toch, verdomme! Ze krijgt er de kriebels van.

Geplaatst in Korte verhalen

De Vergulde Kooi

Tot hier en niet verder. Ze keek naar buiten maar zag niet veel, haar blik was naar binnen gericht. Het was afgelopen met aanpassen, met rekening houden. Met het volgen van een levensstijl die niet de hare was. Een bijrol spelen in een slecht geschreven en oppervlakkig stuk. Al veel te lang had ze zichzelf verloochend. Ze moest haar eigen leven weer stevig in handen nemen. Niet door het bit tussen de tanden te klemmen, maar door zich te bevrijden van het hoofdstel en de vrijheid tegemoet te draven. En wel vandaag!

Dat klonk best goed – zelfs in haar eigen oren. Maar vrijheid, wat was dat ook alweer? Zelf keuzes kunnen maken, durven maken, dat is vrijheid. Maar waaruit kan ik dan kiezen? Hoe kom ik aan geld? En wie zorgt dan voor… Ze schudde haar hoofd. Ze moest stoppen met zo te denken. Voor mezelf zorgen, dat deed ik voorheen ook. Ik ben niet van hem afhankelijk. Ik hoef niet meer te wachten tot iemand iets doet, actie! De prins op het witte paard had haar meegenomen naar zijn kasteel, maar in plaats van in een sprookje, was ze in zijn harnas gestopt. Een comfortabel keurslijf weliswaar, maar ook dat begon te schuren.

Ze keek om zich heen, naar de muren die haar omsloten, de spullen die uitgestald stonden. Het was geen thuis, het was een museum. Ze kende iedere hoek, ieder voorwerp. ‘Accessoires’ moest ze zeggen, geen spullen. En het waren niet zomaar spullen, nee, het waren design meubels. Echt mooi vond ze het niet, maar dat zou wel aan haar slechte smaak liggen. Als iets zo duur was, dan moest het toch wel prachtig en bijzonder zijn? Ze keek naar het schilderij. Kunst met een grote K. De verf leek erop gegooid. Spetters waaierden uit over het linnen. Rode spetters, met een waas van zwart erover. Als bloeddoorlopen ogen die haar constant in de gaten hielden, haar begluurden.

Plotseling kreeg ze geen lucht meer. Ze rende naar de trap op haar hoog gehakte pumps. Ook al design. Met een woeste schop vloog eerst de ene, dan de andere schoen door de lucht om met een klap ergens achter de bank te belanden. De zijden blouse haalde de slaapkamer niet, de knopen waren te klein voor haar trillende handen en met een ruk scheurde ze de stof van haar lijf. Nog steeds konden haar longen niet voldoende zuurstof naar binnen zuigen en ze raakte in paniek. Met moeite stroopte ze het hemd omhoog dat strak rond haar lijf gespannen was, zodat ze een wespentaille leek te hebben. Een corrigerend hemd. Corrigerend? Martelend zul je bedoelen! Dat hij die dingen zelf ging dragen, hij had ze meer nodig dan zij! Het keurslijf werd als een cocon van zich af geworpen.

Hijgend stond ze voor de spiegel en keek naar haar reflectie. Holle ogen staarden terug, met een vlaag van wildheid. Haar lichaam gaf toe aan de zwaartekracht. Langzaam stapte ze uit de rok, die in een hoop op de grond bleef liggen. Waar was haar jeugd naar toe? Waar was zij zelf gebleven. Ergens moest zij verdwaald zijn, binnenin deze elegante magere vrouw, deze gemaakte verschijning die ze niet herkende. Een huls was ze geworden. Een mooie huls met een leeg innerlijk. Hol.

Haar gedachten echoden in de leegte. Ze kon niet goed nadenken door al die echo’s. Gewoontegetrouw reikte ze naar de pillen op haar toilettafel, draaide de dop van het busje af en schudde twee tabletten in haar hand. Met een geroutineerd gebaar gooide ze ze achter in haar keel en slikte ze door zonder water. Toen zakte ze langzaam langs de muur naar beneden en wachtte tot de vertrouwde afgestompte deken weer over haar heen zou glijden. Ze had geen buitenwereld nodig, haar wereld was groot genoeg. De energie glipte als zand door haar machteloze vingers.

Plots hief ze haar hoofd. De leegte in haar blik werd ineens gevuld met opstandigheid. Ze was er bijna weer in getrapt. Hoe vaak had ze hier al gezeten? Het was een gevangenis! Een luxe weliswaar, maar nog steeds een gevangenis. Ze wilde leven, niet vegeteren. Gulzig dronk ze een glas water in de badkamer en stak toen een vinger in haar keel. Ze vocht tegen de apathie die net nog zo aanlokkelijk had geleken en draaide haar maag om tot alleen wat gal overbleef. Trillend over haar hele lijf, maar vastberaden.

Via de slaapkamer liep ze naar haar kleedkamer, langs rekken vol met kleding, lingerie en rijen schoenen. Wie had zoveel schoenen nodig? Absurd gewoon. Achter in een verlaten kast zocht ze naar een sjofele tas. Een tas uit een vorig leven. Letterlijk. Hoe lang was het geleden dat ze haar intrek had genomen? Het leek een eeuwigheid. In werkelijkheid konden het niet meer dan vijf jaren zijn. Daar lag hij, achter een stapel badlakens. Een rits was al dat haar scheidde van de vrouw die destijds binnen wandelde, overweldigd door rijkdom en praal. Een spijkerbroek, zwart shirt en een grijze sweater. Afgetrapte gympen…

Een kwartier later kwam ze uit de douche, de zorgvuldig aangebrachte make-up eraf geboend, haar haren in een simpele paardenstaart. Het leek wel of haar lokken blij waren aan het strenge regime van haarlak ontsnapt te zijn. Ze deinden vrolijk op en neer, in pas met haar stappen. De broek zat wat los, maar een riem bracht uitkomst. In het wilde weg greep ze kleren van de hangers en propte ze in een koffer. Geen tijd, ze had geen tijd meer te verliezen.

Buiten stopte ze en keek over haar schouder. Het bloed joeg door haar aderen, tintelend, vaagde haar twijfels weg als een frisse lentewind. Dan liep ze verder, de weg af, waar de taxi zou staan. Eerst nog wat aarzelend, maar iedere meter verlichtte de last die op haar schouders drukte. Ze leek wel te zweven, ze was ontsnapt. In de over haar schouder geslingerde handtas rinkelden haar sieraden muzikaal met wat losse munten in een bed van papiergeld. Ze was natuurlijk niet gek: nog steeds verguld met zijn goud, maar nu eindelijk ook verguld met zichzelf.

Het huis wachtte geduldig, roerloos, met een verwaande blik op het gezicht. Ze zou toch wel terugkomen. Het was immers te aanlokkelijk… toch?

140312kooi

Geplaatst in Columns, Korte verhalen

Hier wordt niet gefraudeerd!

Tot diep in de nacht heb je zitten blokken. Je loopt over van parate kennis en hebt nachtmerries over black-outs. Roodomrande kleine ogen zijn het doorgeefluik van je overvolle brein. Je bent er klaar voor, het is nu of nooit!

Een kwartier voor het tentamen ben je bij het lokaal. Samen met je klasgenoten drom je naar binnen. Het ruikt er bedompt, de zuurstof opgebruikt door voorgangers. Gauw blader je nog door je aantekeningen, terwijl de zenuwen toeslaan. Het geroezemoes wordt gelukkig snel de kop ingedrukt door de surveillant.

Jassen en tassen voor in het lokaal, mensen, ID’s op tafel.

Wel of geen open boek tentamen, kladpapier toegestaan of niet, het staat allemaal in de aanwijzingen. En die worden nauwgezet opgevolgd.

Wat? Heb je geen geldig ID bij je? Niets met een pasfoto erop? Dan mag je helaas niet meedoen.

De ID-loze vertrekt, terneergeslagen. Dan moet je buurman zijn mouwen opstropen.

Wat moet dat voorstellen?
Dat is een tatoeage.
Niks tatoeage, aantekeningen zijn niet toegestaan. Jij kunt ook gaan. Zijn er nog meer mensen met tattoos? Volgt u hem maar.

Drie kandidaten verlaten het lokaal. Op de gang wordt het voorval vol ongeloof besproken.

Ik hoor een gsm. Van wie is die?
Eh, van mij geloof ik.
Mobiele telefoons moeten uit voordat het tentamen begint, pak je spullen maar.

De surveillant loopt tussen de rijen door. Dan stopt hij vlak achter je.

Waarom heb jij zo’n lange pony? Die heb je zeker laten groeien zodat je vanachter dat flexibele scherm ongestoord naar rechts of links kunt kijken, hè? Daar is de deur.

Het wordt druk op de gang.

Wil jij ook even je mouw omhoog doen? Wat is dat voor een vreemd ding, is dat zo’n smartwatch?
Eh nee, het is gewoon een digitaal horloge.
Hmmm, ik weet het niet. Voor de zekerheid verwijder ik je van het tentamen. Trouwens, iedereen met een horloge kan gaan.

De felbegeerde toets komt dichterbij. Je bent inmiddels totaal van de kook door de strenge anti-fraude aanpak.

Die bril ziet er wel erg futuristisch uit. Zeker een Google bril hè?  Eruit!

De surveillant kijkt zwijgend naar de andere brildragers. Ze pakken hun boeltje en sloffen naar buiten. Het wordt een waar opstootje.

Heb jij contactlenzen? Volgens mij was daar ook iets mee, iets met beeldschermen… Contactlenzendragers, verlaat het lokaal.

Daar zit je dan, als enige met ID en korte haren, zonder tatoeage, zonder bril, horloge of lenzen. Je start de secure browser, die moet voorkomen dat je illegale digitale informatiewegen bewandelt. Klikken op CITO. Je bent er bijna, als…

POEF.

Het programma slaat vast. Hulptroepen worden ingeschakeld en dan blijkt dat het netwerk plat ligt.

Sabotage. Eruit! Hier wordt niet gefraudeerd!

140129gadgets

Geplaatst in Columns, Korte verhalen

Wat een gezeur!

Wat denk je? Zit je net lekker te gamen, helemaal verdiept in je spel, klinkt er weer een stem van beneden. Eten! Geërgerd kijk je even op, om vervolgens de hoek om te sluipen. Je hebt het spel bijna uitgespeeld en hoeft alleen nog de eindbaas te verslaan. Voorzichtig nader je het beest, voetje voor voetje. Je grijpt de muis nog wat steviger vast en… de deur vliegt open, je moeder schuimbekkend op de drempel. Van schrik klik je net iets te laat en daar gaat je gevecht. Je zorgvuldig uitgekiende strategische aanval. Nou bedankt hoor, mompel je, heel mijn spel naar de knoppen. Chagrijnig en met trage tred volg je je ma naar beneden. Ja, ik weet dat de vaatwasser nog niet leeg is gehaald. En gestofzuigd heb ik ook nog niet. Chill, maak je niet zo druk, ik mag toch zeker zelf weten wanneer ik die stomme klusjes doe? Zeur niet zo! En ja, vanavond ga ik stappen, van mijn eigen geld. Zucht, dat tentamen stelt niets voor, dat haal ik met mijn ogen dicht.

Herkenbaar? Aan alle kanten hoor ik dezelfde verhalen, die de overtuiging dat ik als opvoeder gefaald heb, wat temperen. Het lijkt wel of alles teveel is voor een groot deel van de jongere generatie. Snel, flitsend, vrij moet het zijn. Tegenwoordig is opvoeden alleen maar gezeur, tenminste, als we onze kroost moeten geloven. Ze stappen met bewonderenswaardig gemak over problemen heen. Stappen ook vaker over studies heen: drie opleidingen beginnen en geen enkele afmaken. De studieschuld loopt in de vele duizenden euro’s. Doe niet zo moeilijk, later verdien ik zoveel geld dat ik dat makkelijk kan afbetalen. Ik weet zelf wel wat ik doe, je zeurt alweer.

140115gezeur

Op die leeftijd is de opvoedingsfase voorbij en moet de zelfstandigheid – met wisselend succes – beleefd en ontwikkeld worden. En dat kost tijd. Dat kost energie, niet alleen van het jongmens, maar ook van de thuisbasis. Ik ben vóór een jaar keihard werken voordat een studie wordt begonnen. Aan den lijve ondervinden hoe het is om je eigen geld te verdienen, voor jezelf te zorgen. Nadenken over wat je met je leven wilt, welke kant je op wilt. En niet lopen zwabberen van het een naar het ander. Ja, letterlijk wel natuurlijk, met flink veel sop.

Kan ik het opvoeden nog een keer overdoen? Maar nee, loslaten! Ze moeten hun eigen leven leiden. Maar dat is best moeilijk: als je die lange manen eenmaal klemvast heb, is loslaten haast onmogelijk. Waarom zien ze nou toch geen rede, het lijkt zo duidelijk. Je zou uit pure onmacht haast een borrel nemen. Gelukkig ben ik ouder dan 18 jaar, dus dat mag. Cheers.

Geplaatst in Expressief, Fantasy, Foto, Korte verhalen

WasVrouw

Ze schrobt haar handen rood, gezwollen. De huid rimpelt om haar broze botten, terwijl ze met een vermoeid gebaar een weerbarstige lok achter de oren veegt. Achteloos, gedachteloos. Grijs zijn ze nu, haar haren slechts een hint van koper. Gebonden in een slordige knot vangen ze het zweet op dat langs haar nek naar beneden parelt. Het water in de tobbe kleurt grauw en bevrijdt het wasgoed van zijn sluier. Smetteloos moet het zijn, met minder neemt zij geen genoegen. Alleen het beste is goed genoeg voor haar heer.

Eindelijk hangt het goed te drogen, een wolk van wit op een geraamte van hout. En net op tijd, hoort ze daar zijn voetstappen? Maar nee, ze zijn te licht. Geen statige tred, maar hollende voeten. De stem te hoog, te jong. Vertwijfeld ziet ze hoe groezelige vingers haar harde werk besmetten, teniet doen. Ze graaien en trekken, betasten respectloos en spelen verstoppertje. Als de jongen het hemd over zijn hoofd wil trekken, stormt ze verontwaardigd naar voren. Wil je dat wel eens laten, kwajongen? Al snel is hij het beu, verkleedspelen is veel leuker met zijn tweeën. Hij huivert even en loopt dan weg.

De rust keert weer op de binnenplaats. Niet langer verstoord door de passage van het kind, voegen de flarden van de vrouw zich weer samen. Zij inspecteert haar goed en zucht. Terug naar de tobbe.

Zij was een vrouw.

140107wasgoed

Geplaatst in Avans, Columns, Gezondheid, Korte verhalen

Slagboom geveld

Met een wit gezicht zakt hij weg tegen de wand. De benauwdheid en pijn die hem al twee weken plagen kunnen niet meer worden ontkend: er is iets mis. Een bezorgde collega buigt zich over hem heen en belt het nummer van de bedrijfshulpverlening. Er is acuut hulp nodig.

Binnen een paar minuten verschijnt BHV1, gewapend met een AED-koffer. BHV2 volgt op zijn hielen. Collega’s trekken zich terug in de pantry, de bezorgde stilte spreekt boekdelen. Water, ruimte en rust helpen echter niet de toestand te verbeteren en men besluit het alarmnummer te bellen.

Een oefening blijkt heel anders te zijn dan een noodsituatie. Zelfs een ambulance bellen is nu moeilijk. Moet eerst 06 ingetoetst worden, of alleen maar 112? Pas na enige pogingen wordt verbinding gemaakt.

We hebben met spoed een ambulance nodig.

Waar bent u, meneer?

Hier, bij Avans in HC!

Meneer, HC, waar of wat is dat?

In Breda, kamer HC…

BHV2 wil naar de gang rennen om te kijken waar hij eigenlijk is, maar wordt in zijn nekvel gegrepen. Er moeten te allen tijde twee hulpverleners bij het slachtoffer blijven. Uiteindelijk krijgt de alarmcentrale de benodigde gegevens.

De ambulance is al van verre te horen. Zwaailichten, sirene, the works. Dan blijven de tonen ineens op dezelfde plek steken. Ze staan voor de slagboom. Twee minuten later staan ze daar nog, de zwaailichten verlichten ritmisch de ramen.

Waar blijft die ambulance?

De stem van BHV1 trilt door de spanning.

Die staat nog voor de slagboom, ik moet toch de lift vrij houden?

antwoordt BHV3 in de hal.

BHV1 staart naar zijn gsm alsof hij water ziet branden. Dan brult hij

OPEN DAT DING, EN RAP EEN BEETJE!

BHV2 is inmiddels naar beneden gerend, naar de slagboom. Als het niet van afstand gaat, dan maar met de hand. Kordaat zet hij zijn handen tegen de boom en duwt. Langzaam geeft de rood-wit gestreepte barrière mee. Niet gewend aan deze brute zijdelingse beweging knapt het gevaarte af. De ambulance kan er eindelijk door! De verpleegkundigen doen eerst allerlei testen en nemen dan de zieke mee naar het ziekenhuis ter observatie. Eind goed al goed.

De ‘s middags geplande ontruimingsoefening wordt omgezet in een nabespreking.

Het ging toch best goed, afgezien van een paar ‘kleine foutjes’?

Kleine foutjes? De slagboom niet open doen als er een gillende ziekenauto doorheen wil? Dat is toch echt geen klein foutje. Het parkeerbeleid is best strikt, maar dit gaat wel heel ver. Als het niet zo’n serieus onderwerp was, zou je er bijna om kunnen lachen – maar alleen omdat het goed is afgelopen.

Ondanks deze hobbels wil ik mijn grote waardering uitspreken voor het kordate optreden van onze BHV-ploeg. Een team dat zich belangeloos inzet voor de hogeschool. Hoewel ze in het bezit zijn van een BHV- en/of EHBO-diploma, hebben ze dezelfde twijfels en onzekerheden als wij – dezelfde bezorgdheid – maar die zetten ze opzij als de nood aan de man is. Voor ons!

131204ambulance

Geplaatst in Columns, Gezondheid, Korte verhalen

Werk-Druk

Ik zie ze vallen, een voor een. Als losgeslagen bladeren waaien ze mee met de herfstwind. Soms weet iemand zich nog in de luwte vast te klampen aan een uitstekende tak, vindt houvast, maar het is maar voor heel even. Dan wordt hij onweerstaanbaar verder meegesleurd in een wervelwind van taken. Van dingen die moeten. Gele post-its dwarrelen quasi-vrolijk mee.

Haast zindert in de lucht en breidt zich uit naar alle kanten. Ongedurig. Men kan niet meer echt luisteren. Er is geen tijd, het is veel te druk! Hoewel de voeten nog net stil staan, zijn de gedachten alweer ver vooruit. Naar de les. De wachtende studenten. Het stagebezoek. Naar de stapels werkstukken die wachten op een kritische blik. Of op een corrigerende tik. De notitie die af moet.

Er wordt keihard gewerkt. De blik is bijna grimmig op het beeldscherm gericht, koptelefoon op om de oren te beschermen tegen aanlokkelijke afleidingen. Het is een teken aan de wand dat weldadige uitbarstingen van plezier haast met irritatie worden bekeken. Kan het wat zachter? Dan verscholen een melancholische blik. Een onuitgesproken wens om mee te doen. De verbeten trek verzacht en heel even gaan de teugels los, maar al snel is men weer geconcentreerd. Nog even doorpezen.

Niet alleen de uitvoering van het onderwijs levert een flinke werkdruk op; we moeten immers ook evalueren. We moeten aanpassen, terugkoppelen en ontwikkelen. Vernieuwen! En daarover moet gecommuniceerd worden. We vergaderen in allerlei commissies en projectgroepen. En ieder overleg eist aandacht op met zijn energieslurpende kop. ‘Gewoon’ les geven is een verademing, met creatieve toeren ingepast in overvolle agenda’s. De naderende accreditatie doet er nog een schepje smaakversterker bij.

Het is roerig in Onderwijsland. In het verlangen naar het nog beter willen doen moet alles sneller, actueler, nieuwer. We willen meer! Met veel enthousiasme komen fantastisch goede ideeën tot leven, hele programma’s worden omgegooid in onze drang naar verbetering. Ideeën die echter maar amper passen in het keurslijf van de hogeschool. Er is ruimte nodig voor lessen in lokalen en takenplaten, en dit alles bij een krap budget. Het gebouw staat bol en het uithoudingsvermogen wordt ernstig op de proef gesteld.

Ik zie ze vallen, een voor een. Of is het een kwestie van perspectief en ga ik langzaam zelf gestrekt? 😉

131120werkdruk

Geplaatst in Korte verhalen, Persoonlijk

Aan de Hand van een Engel

De kist was blauw geverfd, versierd met bloemen, sterretjes en gevleugelde figuren in felle kleuren. Van de saaie witte buitenkant was niets meer te zien. En dat was maar goed ook, want in die kist lag geen saai mens. De vrouw die er vredig rustte was een schilderachtig figuur, een en al actie en vrolijke opgewektheid, wilskracht en doorzettingsvermogen. Zelfs vanuit de andere zijde brak haar optimisme door het verdriet van de aanwezigen heen, overspoelde hen met zonnige Afrikaanse muziek. Op de bank haar drie geliefde kleindochters, hun lange blonde haren eensgezind golvend met gevlochten accenten, de moeders beschermend ernaast.

Het was stil. Een inhouden stilte die ademloos leek te wachten. De betovering werd verbroken door de sympathieke stem van de voorganger, die leidde door het leven van de vrouw. Een leven dat mooie en minder mooie tijden gekend had, maar dat gekenmerkt werd door één motto: het zal allemaal goed komen! Langzaam stierven de stemmen van het koor weg, stemmen van wie zij ooit deel uitmaakte. Er was een leegte in de samenzang, een leegte die alleen zij kon opvullen. Haar stem een noot die opviel door gemis.

De dienst naderde zijn einde en het moment van afscheid kwam naderbij. Onverbiddelijk. Liefde noch verlangen kon de tijd stop zetten. Familie en vrienden liepen naar voren om afscheid te nemen, en verdriet etste diepe, door tranen doorkruiste lijnen. De laatste bezoeker verdween door de deur en vertwijfeld keek de naaste familie naar elkaar. De waas van de afgelopen weken werd weggevaagd, de realiteit een ongenode en ongewenste gast. Was dit echt het einde? Mam, hun Omi lag daar! Zwijgend stonden ze om de kist en hielden elkaars handen vast, wachtten.

Dan een haast onwaarneembare trilling en met een zacht ruisen van vleugels kwam de stilte tot leven. Een lichte huivering voer door hen heen. Was het inbeelding? Maar nee, ze hadden het allemaal gehoord, gevoeld! Voor hun ogen nam het licht een andere vorm aan, schilderde een vrouw die glansde in het zilveren schijnsel. Licht omhulde haar nu frêle gestalte en even scheen zij vleugels te hebben. Stralend omhelsde ze haar meiden met een gevoel van vrede en op de haar zo kenmerkende kordate wijze nam zij de hand die zich vanuit het licht naar haar uitstrekte. Met een lach werd de vrouw – hun moeder en oma – weggevoerd aan de hand van haar Engel. Engelen, waarin zij rotsvast geloofd had. Vanuit de verte een laatste echo in haar unieke timbre.

Maak er wat van!

130614Marianne

Voor mijn lieve vriendin Nancy x

Geplaatst in Columns, Gezondheid, Korte verhalen

Diëten? Die eten juist niet!

Op het gebakschoteltje lagen alleen nog maar wat kruimels. Ze likte de laatste slagroomresten van haar vingers en vestigde toen haar aandacht op de kop warme chocomel die voor haar stond te dampen. Vol en romig, de echte! Nadat ook de Belgische bonbon was verdwenen, stak ze met een zucht van voldaanheid een sigaret op. Straks een borreltje? Waarom niet! Vast een goede bodem voor de friet met biefstuk die vanavond op het menu stonden…

Wat is hier lekker aan? En wat is hier slecht aan? Helaas zijn veel lekkere dingen niet goed voor ons, omdat ze stampvol calorieën zitten. In onze westerse samenleving worden we er rijkelijk van voorzien. En nu de zon weer tevoorschijn komt en de kleding luchtiger wordt, prijkt ‘dieet’ weer bovenaan de gespreksstoffenlijst. Als je slank wilt zijn (of lijken) en corrigerende harnassen niet meer helpen, dan moet je daar toch echt aan (en in) geloven. Gretig tellen we calorieën alsof het geld is.

130605tellen

In Dieetland is er voor ieder wat wils. Wil je alleen maar brood eten? Geen probleem. Of vermijd je juist liever alle koolhydraten? Kan ook geregeld worden. Weight Watchers, Cambridge en Sonja Bakker, Montignac, Atkins, noem ze maar op. Heerlijk zeg, iedere ochtend een bak zalmsalade met mayonaise. Of spek en ei. Maar zelfs dat komt na een paar dagen je strot uit. Eventuele tekorten worden aangevuld met speciale – dure – vitamines en mineralen; astronautenvoer voorziet in al je behoeften, behalve in die van de geest.

Bewust en minder vet eten is gezond, zeker in combinatie met voldoende beweging. Maar bij een eenzijdig dieet zet ik grote vraagtekens. De balans wordt verstoord en het lichaam gaat interen op de voorraad vet – precies wat we willen, of op de spieren – en dat willen we weer niet. Waar ik me zorgen om maak zijn de excessen. Kijk naar de modellen die maatje 34 of minder hebben. Wandelende skeletten zijn het, met wat vel eroverheen. En dat zijn aantrekkelijke rolmodellen? Ze kunnen niet rollen, ze zijn te hoekig!

130604modellen

Ook in mijn omgeving zijn mensen regelmatig fanatiek aan het diëten, soms wel zes weken lang alleen maar shakes en repen, met wat soep in de avond. Vanaf de zijlijn bekijk ik deze vastbeslotenheid, het lijden en verlangen, het eraan toegeven en de schuldgevoelens. Het resultaat en de trots. De ontgoocheling. Maar soms, soms trek ik mijn mond open. De grens was bij mij bereikt toen de een aan een dropje rook en er verzaligd – niet verzadigd – aan likte, om vervolgens het dropje weg te gooien. Toen de ander helemaal lyrisch werd omdat er een stukje paprika in haar warm water, eh soep zat. En ik krijste dat ze normaal moesten doen.

Gezond verstand en goede producten. Vind een balans die je in het dagelijkse leven kunt volhouden en sta jezelf in vredesnaam toe om te genieten van lekkere dingen.

Haar bordje was leeg. En bleef leeg. Ze likte aan een dropje en speelde met haar jojo…

Geplaatst in Columns, Gezondheid, Korte verhalen

De Zorg – Onbetaalbaar

Ik ben voor het uitkeren van gevarengeld bij een bezoek aan de huisarts. Het begint al bij binnenkomst. De bacteriën en virussen vliegen je rond de oren. Aan alle kanten word je omringd door gesnotter, koorts en gekuch. In de wachtkamer drentelen peuters rond met groen slijm onder de neus. De houten bouwblokjes houden via mondcontact de cirkel van besmetting in stand. Zouden die kinderen worden ingehuurd door de zorgverzekering? Oudjes naast je bespreken al rochelend uitgebreid hun kwalen en maken dat je heel hard weer naar buiten wilt rennen. Getergd kijkt een zakenman op zijn horloge – voor de vijfde keer in evenveel minuten; draait rondjes op de houten zitting.

130522zorg4

Dan een stem uit de luidspreker: Mevrouw Jansen bij dokter Nieuwenhuizen. Men kijkt verstolen naar elkaar. Wie is de gelukkige? Even later wordt de oproep herhaald en verstoort wreed het geanimeerde gesprek tussen twee vrouwen.

Oh dat ben ik, meid. Nou, dan zal ik maar eens gaan.

Tot gauw hè.

Ja, dag!

Dág, denk je, schiet nou toch op, ik heb nog meer te doen vandaag. De blokkentoren wordt inmiddels tegen de grond gekwakt door broerlief en zusje zet het op een krijsen. Met een rood hoofd probeert de moeder de zaak te sussen en veegt steels de neus van het verhitte meisje schoon.

Dan ben je aan de beurt en treedt binnen in het heilige der heiligen: de dokterskamer. Wat kan ik voor je doen?, wordt gevraagd. Daarna volgen nog meer vragen, die nooit gesteld zouden worden als de arts de moeite nam om het beroemde digitale patiëntendossier te raadplegen. En wat doet hij vervolgens? Kijkt hij in een indrukwekkend handboek? Spreekt hij zijn onuitputtelijke kennis aan? Nee, hij start internet op en typt de klacht in Google. Sprakeloos zie je het gebeuren. Je hebt een Google dokter! Even later sta je met een recept voor pillen die je eigenlijk niet wilt en een verwijzing weer in de gang. Maar ja, hij zal het wel beter weten, heeft er tenslotte voor gestudeerd.

130522zorg2

Bij de apotheek moet je ook weer een nummertje trekken. Gelukkig ken je intussen iedereen en blijft het gezellig. Je krijgt je recept en moet contant betalen. Oké, zeg je, want je hebt toevallig je polis niet op zak. Maar je hoeft niet alles af te rekenen, blijkbaar wordt toch nog iets vergoed…

Een paar weken later krijg je een brief van de zorgverzekering. Jippie, de ingediende declaraties van de tandarts worden uitbetaald? Te vroeg gejuicht: of je de rest van je huisartsbezoek ook nog even wilt betalen. De drie pillen blijken € 30 te kosten en het bloedonderzoek wordt per microscopisch klein deel uitgesplitst, waarbij ieder deeltje deel uitmaakt van een grote optelsom. Eigen risico, jawel. Van de tandartsrekeningen krijg je niks terug. De hoge ziektekostenpremies met extra sterren zijn nog niet genoeg, dokken zul je, meer!

130522zorg1

Huisartsbezoek wordt net als studeren iets voor de rijken. En in plaats van gevarengeld krijg je een fikse nota. De volgende keer bedenk ik me wel drie keer voordat ik weer naar de huisarts ga, want van deze kosten word ik nog veel benauwder. De zorg in Nederland – onbetaalbaar!