Met paardengeur aan mijn handen
en een gelukzalige glimlach
neem ik morgen
de spierpijn voor lief.
Met paardengeur aan mijn handen
en een gelukzalige glimlach
neem ik morgen
de spierpijn voor lief.
geluk zit van binnen
heeft een plekje in je hart
je kunt het niet kopen, niet vinden
wel ervaren, beleven
het zit in kleine dingen
een zonnestraal op je gezicht
de schaterlach van een kind
die doordringt tot diep van binnen
geluk is wat je voelt
als je tevreden bent in het nu
niet verlangt naar straks of morgen
niet verlangt naar wat was
maar hier, nu,
grijp het moment en maak het van jou
dit ogenblik is van jou
ik wens je alle geluk
maar je moet het zelf durven
zijn
doen
❤️
Zo’n dag dat je na een slapeloze nacht te lang onder de douche blijft staan en daardoor in de file naar je werk staat?
Zo’n dag dat je een probleem oplost, en daardoor beseft dat er nog een ander, groter probleem is?
Dat de zon schijnt en je alleen maar naar het bos wilt, maar opgesloten zit achter glazen wanden?
Zo’n dag dat je tegenstrijdige aanwijzingen krijgt?
Je geïrriteerd je laptop dicht klapt en naar huis wilt gaan, maar dat net op dat moment studenten aan de balie staan voor een sleutel?
Dat je zit te wachten op die sleutel, ze dan om een andere komen vragen en je nog langer moet blijven?
Zo’n dag dat je vriendje ziek is en je na je werk even langs gaat om om een kus te bedelen, als vervanging van een avond samen?
Zo’n dag dat je dan eindelijk op weg naar huis bent, maar recht in een rode zee van achterlichten rijdt?
Zo’n dag dat je je moeizaam een andere weg baant, dwars door het centrum, van het ene geobstipeerde stoplicht naar het andere?
Je huiverend thuis komt in een donker huis?
Zo’n moment dat twee harige lijven zich met ware doodsverachting van de trap af storten in hun haast om je te verwelkomen met liefhebbend gespin, aanhankelijkheid en vooral veel kopjes?
Zo’n dag waarvan het einde alles weer goed maakt?
Ken je dat?

Wat een prachtige ochtend!
Als ik een staart had,
zou ik kwispelen.
De lente kwam, de zomer ging
net als jij.
Herinneringen vervagen
worden meegevoerd
als pluizen op de wind
en met jou vervloog mijn jeugd
mijn dochter-zijn
het zusterschap.
In omgedraaide rol
acteer ik, zorg ik nu
daar waar eerst
geborgenheid was.
Ik mis je steun
broer
en grijp naar de draden
die ons gezin omstrengelden
maar ze zijn slechts flarden
echo’s van houvast.
Ineens ben ik de rots
maar broos en breekbaar
zonder jou.
De herfst komt
en rukt staccato
onbewogen aangedaan
bloedbanden uiteen.
Ze aan elkaar knopen
lukt niet meer
we zijn
los
Voor mijn hartszusje Nancy, die een half jaar geleden haar broer verloor.
~
Zeventien zou je zijn
Lois
op handen
gedragen door je moeder.
Liefdevol, vol verwachting
was zij
waren wij
maar ongezien
en toch herkend
ging je weg van ons.
Wij waren weg van jou
van je schoonheid
je lieflijkheid
je maakte diepe indruk
afdruk in onze harten
onuitwisbaar
in ons leven.
Ik houd van jou
en houd haar vast
net als jij zou doen
met je tere vingertjes.
Ik let op haar
namens jou
denk samen met haar
vandaag en alle jaren
aan jou
onze spelende engel.
Zeventien zou je zijn
lief nichtje
vandaag
~
—
Voor mijn zusje Monique. Ich bin bie dich de ganze daag, leeve sjat.