Geplaatst in Expressief, Foto, Inspiratie, Korte verhalen, Persoonlijk

Het is alweer Moederdag, Mam!

Op Moederdag denk ik aan mijn moeder. Eigenlijk denk ik iedere dag aan mijn moeder. Met een grijns, omdat ze zo lekker direct is. Met een lach, omdat ze zo nuchter is. Met liefde, omdat het zo’n schat is. Zij is een deel van mijn dagelijkse leven, mijn voorbeeld van jongs af aan.

Dus commercie, ik heb jouw boodschap helemaal niet nodig. Ik hoef haar geen iPad te geven, of parfum. Nee, wat mijn moeder wil is regelmatig bijkletsen, afspreken om als familie samen te komen. En dan mag ik nooit iets meenemen. Maar stiekem doe ik dat toch, iets kleins, iets dat ze iedere dag kan gebruiken. Zodat ze misschien ook iedere dag heel even aan mij denkt.

Het is Moederdag, Mam. Net als gisteren, net als morgen. Ik houd van je.

130512

Een fijne MoederZondag allemaal.

Geplaatst in Columns, Gezondheid, Humor, Korte verhalen

Lekker Ontspannen

En elk jaar krijgt mijn geschiedenisdocent het weer iets drukker. – Loesje

Heb jij het ook druk? Te druk? Zo druk dat je vaak niet kunt ontspannen en maar door maalt? Dit gevoel van onrust in je lijf heet ‘stress’. Eigenlijk is het een oer-reactie van de mens om te overleven in de wilde natuur, maar er is niet veel wilds meer in de hedendaagse maatschappij, behalve wijzelf natuurlijk. We hollen van hot naar her met iPad navigeersysteem in de hand en vergeten vaak stil te staan, stil te zijn.

Milde stress kan positief uitpakken, maar langdurige spanning zonder ontlading is ronduit ongezond. Nu kun je stress op allerlei manieren kwijtraken: pakje sigaretten roken, een fles wijn naar binnen gieten of je hele voorraad snacks (of pillen) erdoorheen jagen. Kan best lekker zijn hoor, maar is niet echt aan te raden. Dan zijn sport en slapen veel beter, of speciale ontspanningstechnieken. 

130508stoelmassage

Zo is daar massage. Lekker relaxen op een bed terwijl je lichaam aan alle kanten gekneed wordt. Onze baas gunt ons regelmatig een stoelmassage. Dat doet het College van Bestuur natuurlijk niet zelf, daar worden deskundigen voor ingehuurd. Heerlijk. Kijk er niet van op als je een elleboog in je rug krijgt, hoort er allemaal bij. Zelfs je handen komen aan de beurt en je lijkt op wolken te zweven erna. Het enige nadeel is dat je geen zin meer hebt om te werken. Je niet eens meer kúnt werken, omdat je alles los laat, inclusief je verstand.

Meditatie, ideaal om te ontspannen als je het goed onder de knie hebt. Maar als ik het probeer, krijg ik altijd de neiging om mijn geestelijke krachten te gaan testen – the Force. Zo zat ik afgelopen week door een donkere zonnebril naar een steen te staren, volledig gefocust. Beweeg, geef ik als opdracht, beweeg en kom naar mij toe! Niets natuurlijk, mafketel. Maar mijn ogen zijn nog geen meter naar rechts gedwaald of het object komt tot leven! Verbluft knipper ik en… natuurlijk heb ik geen psychische krachten. Het was gewoon een donzig vogeltje dat net zo dwaas als ik zat te suffen. Toch schrok ik er stiekem een beetje van 😉

130508vogel

Al eens naar de sauna geweest? Ook geweldig ontspannend, zegt men. Mijn ervaringen in een sauna zijn goddank op een hand te tellen. Wat een hitte zeg, afgrijselijk. Zelfs het interessante uitzicht kan mijn aandacht niet voldoende afleiden. Gelukkig gooit iemand water op het vuur om te verkoelen… waarna een muur van hitte op je neer slaat. Mijn oer-reactie: naar buiten! Oh nee, wordt gezegd, je mag nog geen koude douche nemen. Nou ik dacht het wel, een koude douche is juist prima om alle stress van de sauna van je af te spoelen.

Yoga, ook al zo relaxed. Als ik ergens van ga stressen is het op commando ontspannen. In de zwangerschapsgym zat destijds ook een deel yoga. Ga maar lekker op je rug liggen. Nou, probeer dat maar eens als walvis met een slechte rug. Mag ik op mijn zij gaan liggen? Dat werd toch echt afgeraden. Zo ontspannen als een plank lag ik daar te yoga’en. Een keer en nooit meer. En dat puffen ging later vanzelf.

Stress. Geef mij maar een spannend boek, of zet me in een blokhut in Portugal – liefst gecombineerd – dan ontspan ik als de beste. En dat heb ik vorige week dan ook gedaan. Want vanaf nu gaan we in één streep naar het einde van het studiejaar. Allemaal veel succes, sterkte en kalmte in dit laatste blok.

Hoe houd jij je hoofd koel in drukke tijden?

Geplaatst in Korte verhalen, Persoonlijk

Pijn

Met pijn in zijn ogen kijkt hij mij aan. Een achteloos bericht brak de bruingroene glans en met moeite veegt hij de scherven bij elkaar. Breekbaar – nog steeds – na te snel vervlogen kinderjaren zonder handje in de zijne. Tweewekelijkse logeerpartijen vervingen de dagelijkse sores en smeedden een band tussen vader en zonen. Niets zou de liefde voor zijn kinderen dwarsbomen en de trots brandt fel. Zijn jongens, prachtknapen. Nu ze allebei studeren zijn hun bezoeken sporadischer, maar een biertje drinken, uit eten, heeft een nieuwe dimensie in hun gezamenlijke leven gebracht.

En nu dan die speciale dag. De Vader-Zoon-Dag. Geweldig vindt hij het, eindelijk weer een tastbaar bewijs van zijn vaderschap. Tot het bericht op het scherm verschijnt dat er nog een ‘vader’ komt. En dat is er een te veel. Er is maar één echte vader! Of knelt de stiefband net zo zwaar, zo niet zwaarder dan de bloedband? Door een scheiding ongewild van de vanzelfsprekende eerste plek verdreven. Dat doet verrekte pijn.

Geplaatst in Expressief, Foto, Korte verhalen

Het Weekend Ontluikt

Het was vrijdagavond. Na een drukke week was ze echt toe aan wat rust. De bank lonkte en het kussen in haar rug voegde zich geheel naar haar wensen. Hoewel haar grijze kijkers nog dapper in de rondte keken, zakten haar oogleden er steeds verder overheen – eerst nog wat aarzelend, maar al gauw was er geen houden meer aan. Met een onverbiddelijke klap sloegen de luiken dicht. Het was op. Ze sliep.

130405luiken

~ Fijn weekend allemaal! 🙂

Geplaatst in Columns, Cultuur, Korte verhalen, Natuur, Nieuws

Het Maya 2012 fenomeen. Hype of…?

Helaas mensen, over twee weken gaan we eraan! De hele boel gaat naar de bliksem, en wel op 21 december, hooguit twee dagen later. We hebben ons lang genoeg hierop kunnen voorbereiden, want de Maya’s hebben dit al duizenden jaren geleden voorspeld! Tenminste, dat is wat je zóu kunnen afleiden uit hun oude inscripties. De laatste jaren is er een regelrechte hype ontstaan over december 2012.

De oude Maya kalender bestaat uit perioden van 394 jaren, de zogenaamde baktuns. De Maya’s stelden de schepping van de wereld op 13.0.0.0.0 (13 b’ak’tun, 0 k’atun, 0 tun, 0 winal, 0 dagen), 11 augustus 3114 voor Christus volgens onze jaartelling. Het getal 13 had een speciale betekenis voor dit oude volk, en de 13e b’ak’tun loopt af op 21 december 2012; dan staat de kalender weer op 13.0.0.0.0.

Betekent dit het einde van de wereld? De aarde, zon en maan zullen die dag op één lijn staan, waardoor het heelal een zwart gat zou kunnen vormen waarin de aarde zal verdwijnen. Of wordt het een keerpunt in het leven zoals we het nu kennen, een nieuw tijdperk van menselijke groei en bewustzijn? Misschien is de kalender gewoon op en wordt het tijd voor een nieuwe? De Maya’s spraken zich hier niet duidelijk over uit. Zelfs de datum 21 december is niet ‘hard’ en kan op meerdere manieren berekend worden. Volgens andere wetenschappers ligt het einde van de Maya kalender in 2220, of zelfs op 1 oktober 4772!

Toch zijn veel mensen ervan overtuigd dat eind december iets vreselijks zal gebeuren. Het magnetisch veld van de aarde draait om; er zullen zonnestormen losbreken die uiteindelijk leiden tot het einde der mensheid. Anderen denken eerder aan desastreuse natuurrampen dichter bij huis, zoals droogte of het uitbreken van een ziekte.

Zomaar wat voorspellingen over 2012:

  • Er zal een stijging zijn in het aantal natuurrampen zoals aardbevingen, vulkaanuitbarstingen, overstromingen etc. > Niet echt iets nieuws dus, natuurrampen zijn onderhand aan de orde van de dag. Maar of ze echt vaker voorkomen dan vroeger durf ik niet te zeggen. Kent iemand de statistieken?
  • Er zal in de komende jaren een enorme machtsstrijd komen tussen het leger, overheden etc. > Ook dit zien we dagelijks om ons heen: overal waar je kijkt zijn oorlogen, op grote of kleinere schaal. 
  • Het bankensysteem zoals we het kennen zal instorten. > De wereldwijde crisis? 
  • Alle nieuw geboren kinderen zullen waarschijnlijk telepathisch begaafd zijn vanaf de geboorte. Ze zullen hoogst intelligent zijn, enorm intuïtief en de spirituele leiders van de toekomst zijn. > Ik ben benieuwd of die laatste opmerking ook waar zal blijken te zijn. Nieuwe ouders, bereid je maar voor op je telepathisch kroost en geloof met heel je hart in Sinterklaas en de Kerstman. Anders zal het inderdaad het einde betekenen… van deze mooie tradities.

Zoals je ziet is een aantal van deze voorspellingen zeer aannemelijk, en dat zou betekenen dat het einde der wereld al in volle gang is. Een groep mensen is inmiddels echt verhuisd vanwege deze voorspelling, naar Tsjechië of naar Afrika, in ieder geval naar een hooggelegen stuk land. Op de vlucht geslagen? Anderen maken hun spaargeld op ‘omdat je er na 2012 toch niets meer aan hebt’. En dit alles vanwege een hype? Komt u maar!

Wat precies gaat gebeuren op 21 december weet ik ook niet. De Maya’s hebben zeker voorspellingen gedaan van geschiedkundige cyclische aard, vastgelegd op vele oude monumenten. Ze keken vanuit het verleden vooruit naar de toekomst. Maar die toekomst hield voor hen niet op in 2012, die liep nog veel verder door. Ik hoop dus echt dat we naar een ander tijdperk gaan, eentje waarin we bewuster en met meer respect met elkaar en met de aarde omgaan.

Je nu vreselijk druk maken heeft geen enkele zin meer, als die datum echt het einde van de wereld betekent. Dan kunnen we er maar beter nog twee weken lang het beste van maken. Bovendien: de huidige Maya’s weten zelf niets van het einde der wereld! En als iemand het zou moeten weten, zijn zij het. Toch?

Geloof jij al die onheilspellende berichten? En ga je de komende twee weken iets extra’s doen?

Geplaatst in Expressief, Korte verhalen

Wachten

Met haar neus tegen de ruit gedrukt, zo dicht bij het glas dat ze bijna niets meer zag door haar eigen adem, keek het meisje naar buiten. Het was een beetje mistig. Flarden wolken trokken voorbij en dompelden de wereld in een waas van wit licht.

Wanneer komen ze nou, oma?

De vrouw zuchtte, iedere dag weer die zelfde vraag. Ze ging bij haar kleinkind staan en streek haar door de krullen. Toen antwoordde ze zacht:

Dat weet ik niet, schat.

Als een schim bleef het meisje bij het raam en wachtte. Als ze heel goed keek zag ze haar broertje. Sam was vandaag een stoere ridder, zijn stok een gevaarlijk zwaard. Daarmee rende hij achter zijn vriendje aan, tot die zich ineens omdraaide en er een waar gevecht ontstond. De jongens hadden rode wangen van inspanning.

Kom nou hierheen, ik wil ook spelen!

Ze bonsde op het raam.

Waarom ga je niet met de anderen spelen? Verstoppertje of tikkertje, daar ben je toch zo dol op?

Vandaag niet, oma, ik blijf liever hier.

Het kind ging weer in de stoel zitten, maar bleef vol verlangen naar buiten kijken. Haar handafdrukken begonnen al te vervagen en het glas herkreeg zijn doorzichtige uiterlijk. Met haar bleke huid en haar blonde haar zag ze eruit als een prinsesje. Grijze ogen die veel te wijs waren voor zo’n jong kind. Berusting tekende haar gezicht, met af en toe een vlaag van ongeduld. Zoals nu.

Heeft mama geen tijd voor mij, oma?

De vrouw schrok en haastte zich terug naar het raam. Ze nam het verdrietige gezichtje tussen haar gerimpelde handen en keek het meisje ernstig aan.

Nee, lief kind, dat mag je nooit denken. Jouw mama houdt enorm veel van jou en wil dolgraag bij je zijn. Altijd, iedere minuut. Maar het kan nu gewoon nog niet. Het is nog te vroeg, meiske.

En waarom moet papa altijd werken? Het is niet eerlijk, ze kunnen toch wel even langskomen hier?

Zwijgend drukte de oude vrouw een kus op het voorhoofd van haar kleinkind. Hoe vaak hadden ze dit gesprek al gevoerd? Ze keek naar buiten en zag in de verte hoe haar dochter Sam naar binnen riep. Het was tijd voor het avondeten.

Ze pakte de tengere handjes stevig vast.

Kindje, kijk me eens aan? Dat weet je toch, lieverd. Ze hebben immers nog geen vleugels, zoals wij…

Geplaatst in Foto, Gastblog, Korte verhalen, Natuur

Geveld!

Gastblog door mijn oom Albert Driessen, 9 april 2012

Het is zondagmorgen als ik mij op weg begeef om een wandeling te maken langs ’s heren veldwegen. In de verte hoor ik de kerkklokken luiden om mij te laten herinneren dat het Pasen is, ‘de wederopstanding van Christus’. Het zonnetje schijnt en begeleidt mij met haar warme stralen. Ik loop al neuriënd met stevige pas door velden en holle wegen waar je de dassenburchten goed kunt zien door het uitgegraven zand. Door de hoeveelheid zand die er lag zou je denken dat er een graafmachine (maar dat is een Das ook) bezig is geweest.

Je ziet dat ze flink bezig zijn geweest met snoeiwerkzaamheden en er ligt ook nog een oude boom waar nog vele voor mij onbekende kevers/larven en weet ik veel wat er nog meer van leven. De Ouvermoer beek – dat is de vroegere afwateringsbeek van de staatsmijnen waar het stof van de gewassen kolen in terecht kwam – Slambeek, zoals het hier genoemd werd, is in de jaren 70 ondergronds in buizen gelegd en mag nu weer in zijn oorspronkelijke loop door het landschap meanderen.

Aan het eind van de wandeling loop ik even langs ‘mijn’ oude appelboom om te kijken of er al bladvorming te zien is, maar tot mijn grote schrik is de boom geveld door de tand des tijd. Het doet mij toch wel iets om mijn levensboom nu alleen maar in mijn herinneringen te hebben en natuurlijk ook op foto’s.

Marion, ik ga er van uit dat ik nog vele jaren deze herinneringen mag koesteren en zoals een oude spreuk zegt

Groetjes,
Al

________________________________________________________________

Dat hoop ik ook, oom Al. Je hebt weer een heel mooi stukje geschreven, een stukje lente in de herfst. Dankjewel!
~ Marion

Geplaatst in Dieren, Foto, Korte verhalen, Persoonlijk

De vogel is gevlogen

Halloooooooooooo? Mijn stem schalt door het huis als ik thuis kom van het werk, in de hoop op een echo in de verte. Twee bromstemmen geven antwoord. Yes! Mijn jongste zoon is ook thuis. In augustus is hij uitgevlogen naar een studentenhuis bij Maastricht. Samen met twee vrienden uit ons dorp en nog drie andere jongeren vindt hij inmiddels zijn weg in het studentenleven. Twee aan twee koken voor de zeskoppige huisploeg. Samen aan tafel in de grote keuken. Een beetje opruimen en poetsen. Met de trein of fiets naar de universiteit. En natuurlijk ook studeren. Het gaat goed met hem!

In Uitvlucht beschreef ik wat ik voelde bij de gedachte dat Sean het nest ging verlaten. Gelukkig blijkt het allemaal best mee te vallen. We houden contact via Skype, via WhatsApp en sms’jes. Bellen doen we niet vaak, dat vindt hij niet zo prettig. En gelukkig woont Nick nog thuis, al moesten we wel allebei wennen aan de andere positie aan de eettafel. En de gewijzigde hoeveelheid voedsel.

Maar nu is mijn jongste weer even thuis! Zijn lange lijf holt bij me weg als ik hem een knuffel wil geven. In de hoek van de keuken weet ik hem te pakken te krijgen, onder luid protest – maar dat klinkt niet echt heel serieus. ’s Avonds zitten we met zijn vieren – mijn partner is ook gearriveerd – rond tafel aan de Chinese maaltijdsoep. Met omeletreepjes, taugé, uitjes en ketjap als garnering. Het smaakt goed en de gesprekken zijn even dwaas als voorheen.

Het is wel een hele toer om alle agenda’s goed op elkaar af te stemmen. De jongens gaan regelmatig naar hun pa. En daar is ook nog V-man’s huis, dat bewoond wil worden. Ieder weekend is het afwachten hoe de afspraken lopen.

Niet alleen mijn oudste zoon en ik zijn blij als Sean thuis komt, maar ook zijn grote kleine behaarde vriend, Bandit. Al gedraagt die zich in het begin als de beledigde onschuld, verontwaardigd door zijn baasje’s afwezigheid. Al gauw echter spint katerkop als een razende: hij heeft zijn vertrouwde plekje weer kunnen innemen: op bed, warm en knus weer verenigd met zijn jonge meester. De vogel was gevlogen, maar deze kater heeft hem inmiddels weer weten te vangen. Al is dat maar van korte duur.

Allemaal een heel fijn weekend. Is jullie volière ook weer gevuld? 

Geplaatst in Gezondheid, Humor, Korte verhalen, Persoonlijk

Dentofobie

Een zacht muziekje op de achtergrond, met daar bovenuit de woorden

Marion, ik ga je nu achterover leggen.

Oké, jij bent de enige die dat mag zeggen,

reageer ik.

Anja, wil jij even weg gaan? Ze wil alleen met me zijn.

We lachen alle drie. Door de zenuwen grijp ik iedere afleiding aan om het moment suprême uit te stellen en flap er de gekste dingen uit. Het is alweer een half jaar geleden dat ik voor het laatst in deze stoel lag. Mooi zachtgeel is hij, met een comfortabele uitholling voor mijn hoofd. Maar of ik nu op luxe leder lig of op beton, het maakt me niet uit. Ik voel er niets van. Als één brok spanning lig ik te wachten op wat komt.

De tandarts – een kunstige super vergrotende bril op zijn neus – kijkt grijnzend op me neer en zegt dat het ook altijd hetzelfde is met mij. En ik lach met hem mee, een valse lach. Want ik wil alleen maar weg, weg van die dreigende rij met instrumenten die zich boven mijn borst uitstrekt.

Eerst maar eens foto’s maken. Een plaatje van 10 bij 10 cm. wordt voorzichtig in mijn mond gemanoeuvreerd. Natuurlijk is het veel kleiner, maar volgens mijn keel scheelt het niet veel. Gelukt! Nu de andere kant nog. Weer ontkent mijn lijf het nut van deze actie.

Er zitten scherpe kanten aan hè?

zegt de tandarts meelevend. Ik ontken woordeloos, daar ligt het niet aan. Als ook die foto klaar is – en alles is nog goed ook! – ontspan ik voor het eerst een beetje.

Nu de rondgang met spiegel en haakje, prima te doen. Dan het schoonmaken met een mechanisch apparaat, waar een straaltje water bij te pas komt. Water dat zich verzamelt in mijn wang. Dreigt te overstromen. Mijn bebrilde behandelaar hangt een afzuigslangetje in mijn mondhoek. Wat een geweldige man!

Anja, de assistente, beantwoordt intussen een telefoontje van een andere patiënte, die een dikke wang heeft van een ontsteking. Ik volg het gesprek met belangstelling, afleiding hè. Dan richt ze haar aandacht weer op mij en schuift ook nog eens een dikker slurpapparaat in mijn mond. En dat is wat teveel van het goede geloof ik. Ik worstel en kom boven, half dan, want beide tanddeskundigen houden van schrik op met wat ze aan het doen zijn. Gelukkig, even pauze.

Gaat het weer een beetje?

Ik haal diep adem, slik, knik en ga weer liggen.

Het afzuigslangetje wordt uit mijn mondhoek verwijderd en we gaan weer verder. Polijsten nu, met een apparaat waarmee ze stoeptegels vasttrillen, maar dan met een mintsmaakje. Het gaat absoluut de goede kant op. Tot hij bovenin aan de gang gaat en ik kokhalzend om me heen grijp. Twee paar ogen kijken me verbijsterd aan.

Volgens mij is mijn keel te kort of zoiets,

brabbel ik.

Vroeger als kind mocht de huisarts ook al niet in mijn keel kijken, de spatel vloog dan door het huis heen.

Ze knikken begrijpend, maar snappen er duidelijk niets van.

Geef haar maar een bekertje water, zodat ze zelf haar mond kan spoelen. Laten we het maar niet hier in de stoel doen, dat vind ze vast ook niet fijn.

Twee minuten later sta ik als een klein kind mijn mond schoon te wassen boven de wasbak. Maar dat doet me niets: alweer heb ik mijn halfjaarlijkse controle overleefd. 😉

Geplaatst in Columns, Korte verhalen, Persoonlijk

De Reünie

Het St. Janscollege bestaat 65 jaar. En ondanks verwoede slooppogingen van leerlingen door de jaren heen, is het onverwoestbaar gebleken. Ter ere van dit heuglijke feit worden alle oud-leerlingen iedere vijf jaar opgeroepen om zich te verenigen. Zo ook dit jaar.

In 2007 ben ik voor het eerst naar de reünie van mijn middelbare school gegaan. Mijn zus, die nog in Zuid-Limburg woont, attendeerde mij erop. Kom je ook, zei ze, het wordt vast erg leuk! Nu heb ik een probleem. Geen groot probleem, maar wel gênant: ik heb een geheugen als een zeef. Eigenlijk meer als een vergiet. Ik onthoud de gekste dingen, kan me woordelijk conversaties voor de geest halen, herken plaatsen waar ik ooit geweest ben – geen idee hoe de plaats heet, maar puur visuele herkenning – en weet onzinnige dingen. Maar namen vergeet ik.

Literatuurexamen, mondelinge boekbesprekingen. Ik las tientallen boeken, van voren tot achter… en kon me bij het examen de naam van de hoofdpersoon niet meer herinneren. Met geen mogelijkheid. Ja, na het gesprek, als het te laat was. Dan kwam de naam weer boven drijven en sloeg ik me voor mijn hoofd. Hoe kun je die nou vergeten na 400 pagina’s meegeleefd te hebben? Het gebeurt gewoon, de namen kruipen in een laatje in mijn hoofd, soms zelfs complete mensen, en piepen weer tevoorschijn als het niet meer hoeft. En dan ga ik naar een reünie. Dat is vragen om problemen.

Gelukkig ging oud-klasgenoot Wil met me mee. Ik pik hem op in Weert. Hem herinner ik me heel goed. Het klikte destijds, en het klikte nu ook. Geen spat veranderd, zeg je dan. En dat klopt. Wel wat ouder, maar nog steeds die vertrouwde, eigenwijze vent van toen. Die avond spreek ik veel mensen. Oude schooltijden herleven, maar dan met een glas bier of wijn en de effecten van een tijdmachine die onze lichamen veranderd heeft. Het is reuze gezellig en het gaat allemaal prima. Wat is het leuk om alle verhalen te horen van oude vrienden die je in geen jaren hebt gezien of gesproken. Te ontdekken hoe hun leven zich heeft ontwikkeld. Wil loodst me door de menigte heen en ook mijn zusje helpt en fluistert namen in mijn oor. De meesten herken ik moeiteloos en ik krijg weer wat vertrouwen in mijn geheugen.

Tot ineens iemand voor mijn neus staat die me vaag bekend voorkomt.

Hoooooooooooiiii,

zegt hij heel enthousiast,

wat ontzettend leuk je te zien, Marion! Wat is dat lang geleden zeg, veel te lang. Hoe gaat het met je?

Hoi. Oh, goed hoor, en met jou?

zeg ik, me wanhopig afvragend wie dat nou ook alweer is. Mijn brein werkt op volle toeren. Als hij de ongetwijfeld wazige blik in mijn ogen ziet, roept hij verontwaardigd uit dat ik toch hopelijk nog wel weet wie hij is?!

Eeeeeh… help?

Er is echter geen helpen aan.

Dat meen je niet, hoe kan dat nou?! We hebben zelfs nog staan te ZOENEN!!!

Ik verslik me bijna in mijn drinken.

ECHT NIET!

Nou, echt wel dus. Het begint me langzaam te dagen. Paul, dat is Paul. Vage beelden van een avond bij de voordeur van mijn ouders’ huis zeilen over mijn netvlies. Omstanders lachen zich kapot en ik gooi de inhoud van mijn glas wijn in één keer naar binnen, een blos op mijn wangen. Yep, reünies zijn prima voor mij.

En dan nu het 65-jarige bestaan. Maanden geleden de bijdrage betaald en aangemeld via de site, de berichten op Facebook volgen en sms-contact over en weer met mijn zus, en ook met Wil. Want die gaat weer mee, een keer in de vijf jaren moeten we contact houden. Ik word wakker met een drukkend gevoel aan de linkerzijde van mijn schedel. Met een licht gebonk achter mijn linkeroog. Migraine, opzouten! Niet aan denken, gewoon negeren. Maar het mag niet baten, misselijk en ellendig neem ik een tablet in. Daar word ik nog ellendiger van, maar soms gaat de hoofdpijn weg.

Rond half twee stap ik in mijn Kaatje en kar door Breda om aan de oostkant de snelweg op te schieten, richting Tilburg. Ik schiet zo’n tien kilometer door en zie dan onheilspellende getallen flitsen boven de rijbanen. Flitsen en migraine zijn aartsvijanden. Files en migraine trouwens ook. Het verkeer stremt en staat stil. Auto’s laveren van rechts naar links om sneller vooruit te komen, maar het mag niet baten, we staan stil. Na een half uur bel ik mijn moeder om te vertellen dat ik drie uur niet ga halen. Een parkeerhaven verder bel ik weer – inmiddels is een uur verstreken – en kan ik wel janken. Mijn hoofd bonkt, de zon brandt, de auto’s en de vrachtwagen voor me ronken stationair. Maar ik moet door, ik heb beloofd dat ik naar de reünie ga! Mijn oud-klasgenoten wachten op me. Misschien zal ik nog meer ex-vriendjes niet herkennen!

Weer een half uur en vijfhonderd meter verder spreek ik een bericht in op Wil’s gsm. Dat ik de eerste de beste afslag ga nemen en terug naar huis rijd. Hij belt terug en van pure opluchting begin ik nu echt te huilen. Wat een ellende. Een bed is wat ik wil, en geen stilstaand blik op de A58! De snelweg is compleet afgesloten, vertelt Wil me, ga er maar gauw af. Dat ‘gauw’ wordt een uur uur later. Begeleid door mijn telefonische ridder in nood komt eindelijk de verlossende afslag – waar trouwens iedereen van de snelweg wordt geleid – en vervolg ik de weg naar links tot ik het bord ‘Breda’ zie. Als een haas schiet ik de snelweg weer op en trap het gaspedaal in. In totaal drie uren. DRIE uren gereden over 58 kilometer. En nog geen meter verder dan waar ik die ochtend was.

Mijn reünie bestaat dit jaar blijkbaar slechts uit een paar telefoongesprekken, constant onrustig rondspeurend naar politie. Al kon je het niet echt ‘bellen tijdens het rijden’ noemen. Knappe Officier van Justitie die dat argument van me zou winnen.

’s Avonds stuurt mijn zus me een foto. Mijn jaargenoten missen me. Nou, ik mis hen ook! Reünies zijn niet goed voor me. Maar over vijf jaren ga ik weer! Geen snelweg die me dan tegenhoudt.

Ga jij wel eens naar een reünie van je middelbare of andere school? En hoe vind je dat?